Wet snoert ouders de mond

0
630

Net als ieder kind wil een kind met bijvoorbeeld autisme, dyslexie of een verstandelijke of lichamelijke beperking graag naar een school die het beste bij hem past. En waar het de hulp krijgt die het nodig heeft. Met een mogelijk nieuwe wet van het Ministerie van Onderwijs (OCW) beslist de school welke hulp het kind nodig heeft, los van wat zijn ouders vinden.

Belangenverenigingen voor deze kinderen verzetten zich daartegen. Zij bieden woensdag 6 maart 2012 ruim 2.000 protesthandtekeningen aan de Vaste Kamercommissie van het ministerie aan.

De nieuwe wet heet ‘De Wet op Passend Onderwijs’. Deze wet verplicht schoolbesturen dit jaar al om elke aangemelde leerling ‘een passend onderwijsarrangement’ aan te bieden. Kinderen met een beperking – die nogal eens extra hulp nodig hebben – komen dan niet altijd terecht op de school die hun ouders onderschrijven. Het kan ook een school zijn waarmee wordt samengewerkt.

Mocht een kind ondersteuning nodig hebben, dan vindt de minister – die betrokkenheid van ouders hoog in het vaandel heeft – instemming van diezelfde ouders niet nodig. Dat is niet alleen tegen het zere been van de belangenverenigingen. Zij vinden dat ouders instemmingsrecht moeten hebben voor het onderwijsarrangement van hun kind. Maar het is ook in strijd met het Europese Verdrag tot Bescherming van de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden (art. 2, EP) en het Internationale Verdrag voor de Rechten van het Kind (art. 29).

De belangenverenigingen zijn: Oudervereniging Balans (voor ouders van kinderen met een beperking), de Nederlandse Vereniging voor Autisme, Platform VG (verstandelijk gehandicapten) en de Chronisch Zieken en Gehandicapten Raad.