Weinig aandacht voor redzaamheid bij zorg verstandelijk gehandicapte

0
640

Bij het vaststellen van de zorg voor licht verstandelijk gehandicapten wordt te weinig gelet op sociale redzaamheid. Daardoor ontstaan er risico’s voor de kwaliteit van de zorg en een veilige leefsituatie. Bij de zorg voor licht verstandelijk gehandicapten zijn veel verschillende organisaties betrokken. Er is sprake van grote inzet en betrokkenheid van zowel zorgverleners als management. De samenwerking tussen de organisaties is echter niet goed geregeld. Dat blijkt uit onderzoek van de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ).

Indicatiestelling te globaal
De indicatiestelling is te globaal voor een goede zorgsamenstelling. Er is te weinig oog voor sociale en emotionele redzaamheid. Verder is de indicatiestelling voor volwassenen met een lichte verstandelijke beperking gericht op het individu en houdt deze onvoldoende rekening met de omgeving. Die omgeving speelt echter een belangrijke rol in het dagelijks leven.

Regie ontbreekt
Om een licht verstandelijk gehandicapte zoveel mogelijk normaal mee te laten doen in de samenleving, is goede ondersteuning nodig waarbij alle betrokken organisaties samenwerken in een netwerk. De inspectie constateerde dat het netwerk vaak gebaseerd is op de persoonlijke inzet van mede¬werkers. Afspraken over samenwerking worden nauwelijks schriftelijk vastgelegd. Daardoor is de kans op onduidelijkheid en misverstanden groot. Bovendien is er gebrek aan regie. Zo zegt 55 procent van de zorgaanbieders niet te weten wie in het netwerk de regie voert. Dat maakt de situatie voor iemand met een verstandelijke beperking erg onoverzichtelijke en dus kwetsbaar.

De inspectie adviseert de staatssecretaris van VWS om het CIZ, de organisatie die de indicaties stelt, opdracht te geven de huidige norm voor indicatiestelling aan te passen. Deze moet zich meer richten op de relatie van de cliënt met zijn omgeving dan nu het geval is.