We werken steeds meer gefragmenteerd

0
1410

ICT-middelen, zoals laptops en mobiele telefoons, maken het mogelijk om betaald werk, maar ook bijvoorbeeld vrijetijdsactiviteiten, steeds meer gefragmenteerd over verschillende tijdstippen en locaties te verrichten.

a-digital trainFotocredits: Playing Futures: Applied Nomadology (cc)

Werken wordt dan bijvoorbeeld afgewisseld met sporten, de kinderen ophalen, of de boodschappen doen. Of er wordt gewerkt op voorheen minder gebruikelijke locaties, bijvoorbeeld vanuit huis, de trein, of in een café.

In hoeverre activiteiten daadwerkelijk meer gefragmenteerd raken was tot op heden echter nog niet uitvoerig wetenschappelijk onderzocht. Het promotieonderzoek van Christa Hubers toont aan dat het gebruik van ICT tot zowel een hogere als een lagere fragmentatie van activiteiten kan leiden.

In het onderzoek van Hubers ontwerpt zij allereerst een methode om de mate van fragmentatie te bepalen. Hiermee heeft zij vervolgens dagboekgegevens van zo’n 700 respondenten uit Utrecht en omgeving geanalyseerd. De resultaten hiervan tonen aan dat naarmate mensen meer ICT gebruiken, hun activiteiten in het algemeen meer gefragmenteerd zijn. Toch waren er ook gevallen waar de activiteiten van ICT-gebruikers juist minder gefragmenteerd waren.

Dit toont aan dat ICT-middelen zowel gebruikt kunnen worden om bijvoorbeeld op verschillende tijdstippen en locaties te werken, maar ook als compensatie kunnen dienen wanneer dit niet mogelijk is. De gevolgen van ICT-gebruik voor waar en wanneer mensen activiteiten verrichten blijken daarnaast soms te verschillen tussen mannen en vrouwen.

De uitkomsten van het onderzoek zijn van belang voor beleidsmakers op het gebied van ruimtelijke ordening en transport, die tot op heden bij de vraag naar voorzieningen en de bijbehorende infrastructuur nog vaak uitgaan van redelijk vaststaande activiteitenlocaties- en tijdstippen.

Promovendus: Christa Hubers; Proefschrift: Information and Communication Technologies and the spatio-temporal fragmentation of everyday life; Promotor 1: prof.dr. Martin Dijst; Promotor 2: dr. Tim Schwanen; Datum: 24 juni 2013.