Verwaarloosbaar gezondheidsrisico perfluoralkylverbindingen in voedsel

0
566

De concentraties perfluoralkylverbindingen in levensmiddelen zijn zó laag dat het gezondheidsrisico voor de consument verwaarloosbaar is. Dit concludeert het bureau Risicobeoordeling & onderzoeksprogrammering (BuRO) van de nieuwe Voedsel en Waren Autoriteit (nVWA).

Het BuRO liet onderzoeken in hoeverre de Nederlandse consument via voeding perfluoralkylverbindingen binnenkrijgt. Levensmiddelen uit de detailhandel zijn in het onderzoek geanalyseerd. Voor de risicoschatting van de bekende perfluoralkylverbindingen, perfluoroctaansulfonaat (PFOS) en perfluoroctaanzuur (PFOA), zijn gezondheidskundige advieswaarden gebruikt. De inname van PFOS en PFOA door Nederlandse consumenten bleef ruimschoots onder deze advieswaarden. Het is de eerste keer dat een dergelijk onderzoek in levensmiddelen in Nederland is uitgevoerd. Het BuRO adviseert het onderzoek over enkele jaren te herhalen.
Ook adviseert het BuRO op korte termijn onderzoek te doen naar perfluoralkylverbindingen in Nederlands drinkwater omdat hierover geen gegevens beschikbaar zijn.

Grootschalig gebruik en moeilijk afbreekbaar
Perfluoralkylverbindingen zijn chemische stoffen met water- en vetafstotende eigenschappen. Ze worden op grote schaal toegepast in industriële en consumentenproducten. Denk daarbij aan brandblusschuim, voedingsverpakkingen en oppervlaktebehandeling van kookgerei. Door het grootschalig gebruik én omdat sommige perfluoralkylverbindingen moeilijk afbreken komen ze voor in het milieu, planten en dieren. Hierdoor kunnen deze stoffen ook in ons voedsel terechtkomen.

Het bureau Risicobeoordeling & onderzoeksprogrammering van de nVWA geeft kennisonderbouwde adviezen over de veiligheid van voeding en consumentenproducten, de gezondheid en welzijn van dieren, en de gezondheid van planten. De onafhankelijke uitoefening van deze opdracht is geregeld in de Wet Onafhankelijke Risicobeoordeling Voedsel en Waren Autoriteit die in 2006 door het parlement is aangenomen. Adviezen in het kader van de wet worden uitgebracht aan de ministers van LNV en VWS.