UMCG’ers tonen rol van de zwezerik in coeliakie aan

    0
    474

    Onderzoekers van het Universitair Medisch Centrum Groningen hebben veertig plekken op het DNA aangewezen die het risico op de ziekte coeliakie verhogen. In die gebieden liggen ook genen die de zwezerik aansturen. De wetenschappers, onder leiding van hoogleraar Genetica Cisca Wijmenga, publiceren hun bevindingen vandaag in Nature Genetics.

    Coeliakie is de meest voorkomende vorm van voedselintolerantie in de Westerse wereld. In Nederland lijden naar schatting 160.000 mensen aan deze ziekte. Coeliakie-patiënten verdragen geen gluten. Als ze die wel eten, beschadigt het slijmvlies van de dunne darm en kan het lichaam minder goed voedingsstoffen opnemen. Hierdoor kan de patiënt klachten krijgen als gewichtverlies, groeistoornissen, vermoeidheid en een tekort aan vitamines en ijzer. Het volgen van een glutenvrij dieet is de enige manier om de klachten te voorkomen.

    Veertig coeliakie-plekken
    De UMCG-onderzoekers vergeleken, samen met collega’s uit onder andere Groot-Brittannië, Italië en Finland, het DNA van tienduizend coeliakie-patiënten met dat van een controlegroep van vijfduizend personen. Voor iedere persoon keken ze op een half miljoen plaatsen op het DNA, waarvan bekend is dat de genetische informatie per persoon daar verschilt (zogenoemde single nucleotide polymorphisms, SNP’s). Ze vonden veertig gebieden waar genetische variaties het risico op het krijgen van coeliakie vergroten.

    In een eerder onderzoek werden al veertien van deze ‘coeliakie-plekken’ op het DNA aangewezen. Nu analyseerden de onderzoekers meer dan vier keer zoveel DNA-monsters dan in de eerdere studie. Ook bekeken ze meer plaatsen op het genoom. “In deze studie konden we meer gebieden identificeren en bovendien zijn de eerder gevonden plekken nu met nog meer zekerheid aan te wijzen als relevant voor coeliakie”, aldus dr. Lude Franke van de afdeling Genetica van het UMCG.

    Selectie van T-cellen
    In de aangewezen gebieden liggen ook genen die selectie van T-cellen in de thymus (of zwezerik) aansturen (ETS1, RUNX3, THEMIS en TNFRSF14). Een van de taken van de zwezerik is ‘verkeerde’ T-cellen te vernietigen. Bij een auto-immuunziekte als coeliakie veroorzaken juist deze verkeerde T-cellen het leed, door een afweerreactie tegen het eigen lichaam in gang te zetten. “Dat de zwezerik een rol speelde was wel te vermoeden”, aldus Franke. “Maar in deze studie is het voor het eerst aangetoond.”

    Unieke set monsters
    Om erachter te komen hoe ieder van de veertig aangewezen plekken bijdragen aan het ontstaan van coeliakie, keken de onderzoekers verder dan het DNA om te zien welke biologische processen verstoord raken. Ze brachten de hoeveelheid RNA op die plaatsen in kaart, de genexpressie. Prof. dr. Cisca Wijmenga: “De genexpressie is nog nooit op deze schaal bekeken. We hebben een unieke set van ongeveer 1800 RNA-monsters van mensen van wie we ook het DNA hebben.” De onderzoekers concludeerden dat variatie in twintig van de veertig gebieden duidelijk invloed heeft op de genexpressie. “Daar zet de variant dus iets in gang”, legt Franke uit.

    De conclusies van het onderzoek zijn een belangrijke stap om het ontstaan van coeliakie te begrijpen, meent Franke. “Men kan beter ingrijpen, als men begrijpt hoe een genetische variatie processen in het lichaam verandert en hoe dat weer leidt tot de ontwikkeling van een ziekte”, aldus de onderzoeker. “Onze conclusies bieden ontzettend veel aanknopingspunten voor verder onderzoek.”

    Het coeliakie-onderzoek werd mede mogelijk gemaakt door de Nederlandse Coeliakie Vereniging en het Celiac Disease Consortium, een genomics centre van het Netherlands Genomics Initiative.