Topmanager juist niet machtsverslaafd

0
615

Managers op hoge posities verlangen veel minder naar macht dan hoogopgeleiden op lagere posities dan altijd is aangenomen. Dat blijkt uit wetenschappelijk onderzoek van Intermediair onder ruim duizend hoogopgeleiden in samenwerking de Rijksuniversiteit Groningen en de Universiteit van Tilburg. Het resultaat is opmerkelijk, omdat de psychologie er altijd van uit is gegaan dat machtsverlangen juist toeneemt naarmate mensen hoger klimmen op de maatschappelijke ladder.

Het verlangen naar macht onder hoogopgeleiden die geen leiding geven, die in het lagere en die in het middenmanagement zitten, ontloopt elkaar niet veel (rond de 4,6 op een schaal van 1 tot 7). Hoogopgeleiden in het topmanagement hebben met een gemiddelde van 3,7 juist een opvallend lagere machtshonger. De cijfers zijn gebaseerd op een aantal vragen over machtsverlangen (en machtsfantasieën) die de hoogopgeleiden zelf moesten invullen.

Opvallende conclusie
Volgens de betrokken Groningse en Tilburgse onderzoekers is het voor de eerste keer dat de wetenschap op deze empirische manier onderzoek heeft gedaan naar machtsverlangen. Minder ‘hard’ onderzoek is er wel naar gedaan, zoals inktvlektesten, diepte-interviews met topmanagers en machtsexperimenten met studenten. Het opvallende was dat die onderzoeken doorgaans tot heel andere conclusies kwamen: macht werkt verslavend, hoe meer je ervan hebt, hoe sterker je verlangt naar nog meer macht.

Nieuwe generatie topmanagers?
‘Volgens de onderzoekers met wie we samenwerkten zijn de data achter ons onderzoek heel hard en is het onderzoek overtuigend’, zegt Kees Versluis, chef redactie van Intermediair en coördinator van het onderzoek. Nader onderzoek moet volgens hem duidelijk maken hoe de resultaten zich laten rijmen met de eerdere (minder empirische) onderzoeken. Versluis: ‘Wij denken dat de nieuwste generatie topmanagers anders is dan de vorige. De deelnemers aan ons onderzoek waren niet ouder dan begin veertig.’

Lees het volledige artikel op www.intermediair.nl/machtsverslaafd.