Toerist gaat naar bestemming uit boek, film of televisieserie

Steeds meer mensen kiezen voor een vakantiebestemming die zij kennen uit een boek, film of televisieserie. Ze hopen op deze locaties even onderdeel te worden van de wereld die zij kennen uit hun geliefde verhalen. Tot die conclusie komt NWO-onderzoeker Stijn Reijnders in het boek Plaatsen van Verbeelding.

Drie jaar lang deed Reijnders onderzoek naar het fenomeen mediatoerisme. Bekende voorbeelden zijn de Lord of the Rings-fans, die in duizendtallen naar Nieuw‐Zeeland trokken, de ‘Inspector Morse Tour’ in Oxford en de ‘Sex and the City Tour’ in New York. In eigen land is er de speciale Baantjertour door Amsterdam.

Communicatiewetenschapper Reijnders sprak met toeristen, lokale omwonenden, auteurs en toerismeprofessionals. Uit zijn onderzoek blijkt dat de meeste mediatoeristen tijdens hun vakanties nauwgezet nagaan of de plek overeenkomt met de omschrijvingen die zij kennen uit het boek of de beelden van film en televisie. Reijnders: ’Ze gaan bij het vergelijken vrij ver: concrete reisafstanden, aantal traptreden, grootte van gebouwen of rijrichtingen worden gecontroleerd. Auteur Appie Baantjer kreeg regelmatig brieven van lezers die opmerken dat rechercheur De Cock de verkeerde rijrichting neemt in een straat met eenrichtingsverkeer.

Mediatoeristen proberen daarnaast precies hetzelfde te beleven als de hoofdpersonen uit boeken en films. Ze bezoeken dezelfde cafés, lopen dezelfde route of overnachten op dezelfde plaatsen. Volgens Reijnders nemen ze geen genoegen met de rationele vergelijking, maar willen ze zelf onderdeel worden van de wereld die zij kennen uit de boeken en films. Reijnders: ‘Fans van de film Dracula leggen bijvoorbeeld dezelfde reis af als hoofdpersoon Jonathan Harker ruim honderd jaar terug. Ze verblijven in dezelfde hotels en nuttigen dezelfde maaltijd: robber steak met een glas bloedwijn.

Plastic handschoenen
Er zijn wel grenzen aan de behoefte naar lichamelijke nabijheid, constateert Reijnders. De mediatoerist wil zoveel mogelijk in de wereld van zijn held treden, maar wel in een veilige, comfortabele en hygiënische situatie. ‘Kijk maar naar de plastic handschoentjes die deelnemers aan de Baantjer-tour krijgen voordat zij een vingerafdruk nemen bij een ingehuurde zwerver. Het is dit dunne laagje plastic dat de beide werelden uit elkaar houdt.

Stijn Reijnders deed zijn onderzoek met een Veni van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO). De Veni-subsidie van 250.000 euro is bedoeld voor recent gepromoveerde wetenschappers en geldt als een belangrijke stap in een wetenschappelijke carrière. Het is een van de meest prestigieuze subsidies voor jonge, talentvolle onderzoekers. Reijnders is verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.