Tien geneesmiddelen, 20% van de uitgaven

0
658

De TNF-alfaremmers adalimumab en etanercept nemen in 2011, net als in 2010, de bovenste plaatsen in bij de geneesmiddelen met de hoogste uitgaven. TNF-alfaremmers lieten ook de grootste stijging zien. Groeihormoon genotropine is de enige nieuwkomer in de top 10. Dit gaat ten koste van metoprolol.

Aan de TNF-alfaremmers adalimumab en etanercept is in 2011 respectievelijk € 198 miljoen (+12%) en € 160 miljoen (+8%) uitgegeven. Zij bezetten daarmee net als in 2010 de bovenste plaatsen in de top 10 van geneesmiddelen waaraan het meeste geld is uitgegeven.

De SFK stelt jaarlijks een top 10 op van geneesmiddelen met de hoogste uitgaven, die door de openbare apotheken zijn verstrekt. De uitgaven bestaan uit de kosten van de geneesmiddelen en de vergoeding voor de werkzaamheden in de apotheek.

De geneesmiddelkosten zijn gebaseerd op de apotheek inkoopprijzen (AIP) minus, in 2011 voor het laatst, de wettelijke clawback. Bij elkaar komen de totale uitgaven aan de geneesmiddelen uit de top 10 zo uit op net iets meer dan € 1 miljard. Dat is 21% van de totale uitgaven aan geneesmiddelen in 2011. Door de verschillende contractvormen kunnen de uitgaven voor zorgverzekeraars lager of hoger uitvallen. Zo liggen voor zorgverzekeraar Achmea de werkelijke uitgaven van geneesmiddelen waarvan de AIP hoger is dan de IDEA-vergoedinig lager dan hier vermeld (o.a atorvastatine en esomeprazol). Als de AIP lager is dan die vergoeding zijn de uitgaven hoger (o.a. omeprazol).

Naar ziekenhuisbudget
Omdat de minister van VWS van mening is dat ziekenhuizen een lagere prijs kunnen bedingen voor TNF-alfaremmers dan openbare apotheken, heeft zij besloten om deze geneesmiddelen per 1 januari 2012 nog uitsluitend te vergoeden als onderdeel van het ziekenhuisbudget. Dit betekent dat de ziekenhuizen ook verantwoordelijk zijn voor de kosten van het gebruik van deze middelen buiten het ziekenhuis. Wanneer de SFK volgend jaar de balans opmaakt over de geneesmiddelen met de hoogste uitgaven, zullen deze geneesmiddelen om die reden niet meer in de top 10 voorkomen. De omzet van deze groep geneesmiddelen ging al grotendeels buiten de reguliere apotheek omdat fabrikanten deze geneesmiddelen veelal via landelijk werkende apotheken distribueerden. De meest bekende toepassingen van TNF-alfaremmers zijn ernstige vormen van reuma.

Atorvastatine
In de top 10 van dit jaar bezetten de zeven hoogstgeplaatste geneesmiddelen dezelfde positie als in de top 10 van 2010. Van cholesterolverlager atorvastatine, op plaats 3, namen de uitgaven in 2011 toe met 1% naar € 136 miljoen, terwijl die in 2010 nog met 8% daalden tot € 134 miljoen. Atorvastatine zal naar verwachting volgend jaar lager in de lijst staan. Dat komt doordat het patent op het spécialité Lipitor in mei van dit jaar in Nederland verloopt. Diverse generieke fabrikanten zullen daarna een goedkopere variant gaan aanbieden. Per half maart kreeg de generieke fabrikant Ranbaxy al de mogelijkheid om hun generieke variant op de markt te brengen. Achmea nam dit middel per 1 april op binnen het IDEA-contract.

Na de top
Op de vierde plaats in de top 10 staat met € 128 miljoen (+4%) het combinatiemiddel salmeterol met fluticason dat bij luchtwegaandoeningen wordt toegepast. De uitgaven aan de beide luchtwegmiddelen tiotropium en het combinatiemiddel formoterol met budesonide, die op de vijfde en zesde plaats staan, stegen met 12%.

Voor maagmiddel esomeprazol heeft een scherpe daling van de uitgaven met € 8,2 miljoen (-12%) geen invloed op de positie in de ranglijst. De belangrijkste oorzaak van de daling in uitgaven is het aflopen van het patent op het spécialité Nexium. Maagzuurremmer omeprazol neemt met € 58,7 miljoen plaats 8 in. Op plaats 9 keert na een jaar afwezigheid het groeihormoon genotropine terug in de top 10.