Terugkeer van hoofd-halskanker bij patiënten te voorspellen

0
542

Bij ongeveer 20% van de patiënten komt na een operatie aan een hoofd-hals tumor, de tumor onverwacht weer terug. Tot voor kort was het onmogelijk om te voorspellen bij welke patiënten dit wel of juist niet zou gebeuren. Nu blijkt dat een lage hoeveelheid van de eiwitten keratine 4 en cornuline in het slijmvlies goed voorspelt welke patiënten een groter risico lopen dat de tumor terug zal keren. Dit blijkt uit promotieonderzoek van Tieneke Schaaij-Visser van het Netherlands Proteomics Centre en de Universiteit Utrecht in samenwerking met het VU medisch centrum. Voor het ontdekken van het juiste eiwit vergeleek Schaaij-Visser honderden eiwitten uit weefsel van gezonde mensen met weefsel van (pre)kankerpatiënten.

Jaarlijks krijgen 2500 Nederlanders hoofd-halskanker oftewel kanker die ontstaat in het slijmvlies van de mond-keelholte en het strottenhoofd. Hoofd-halskanker is hardnekkig en vaak lastig te behandelen. Zelfs na microscopisch onderzoek van de patholoog aan de randen van de uitgesneden tumor waarbij in principe de conclusie is dat de tumor volledig is verwijderd, komt bij ongeveer 20% van de patiënten de tumor terug.

Het onderzoek van Schaaij-Visser richtte zich op de vraag of bepaalde eiwitten in de randen van de plaats waar de tumor is weggesneden konden voorspellen of een tumor terug zou komen. Hiervoor zijn honderden eiwitten van normale weefsels vergeleken met eiwitten van (pre)kanker weefsels van patiënten. Het bleek al snel dat sommige eiwitten wel aanwezig zijn in gezond weefsel, maar nauwelijks in tumor weefsel, of omgekeerd. Bij verschillende patiëntengroepen is vervolgens getest of deze eiwitten voorspellen dat de tumor terug zal keren. De resultaten hebben aangetoond dat de lage hoeveelheid van de eiwitten keratine 4 en cornuline in de snijraden inderdaad voorspelt dat een tumor terugkeert bij patiënten die geopereerd voor hoofd-halskanker. Patiënten die een hoog risico lopen dat de tumor terug zal keren, komen in aanmerking voor extra controle in het ziekenhuis en eventueel preventieve behandeling. Aanvullend onderzoek is nodig om het in de toekomst daadwerkelijk te kunnen gebruiken voor de behandeling van patiënten.

Tieneke Schaaij-Visser zal haar proefschrift ‘Biomarker discovery for head and neck cancer: a proteomics approach’ verdedigen op 20 januari 2010 in het Academiegebouw te Utrecht. Het promotieonderzoek is een gezamenlijk onderzoeksproject van de afdelingen KNO/Hoofd- halschirurgie van VU medisch centrum (Prof. R.H. Brakenhoff) en Biomoleculaire Massaspectrometrie en Proteomics Groep van de Universiteit Utrecht (Dr. M. Slijper) en is gefinancierd door het Netherlands Proteomics Centre.