Beenmerg, beenmergpunctie

Onderzoekers maken beenmerg na

Het beenmerg heeft als belangrijke taak bloedcellen aan te maken. Maar hoe gaat dit precies in zijn werk en waarom gaat het soms mis? Onderzoekers Catherine Robin en Jacqueline Alblas willen het beenmerg van een patiënt namaken om dit goed te kunnen bestuderen. Ook zou dit model kunnen dienen om schade in het beenmerg te

Biomerker voorspelt reactie op kankerbehandeling

Diether Lambrechts, onderzoeker bij het Vlaams Instituut voor Biotechnologie (VIB) en verbonden aan de KU Leuven, heeft een biomerker ontdekt waarmee hij kan voorspellen welke patiënten meer baat kunnen hebben bij een behandeling met het kankergeneesmiddel bevacizumab (Avastin). De ontdekking kan een belangrijke stap zijn in de richting van gepersonaliseerde geneeskunde voor dit geneesmiddel.

Geïndividualiseerde geneeskunde van doelgerichte antikankermedicijnen

Therapieën bij kanker worden steeds vaker maatwerk. In dit onderzoek keek Heinz-Josef Klümpen naar het genetisch profiel van het individu en de individuele variatie in blootstelling aan het medicijn om de preventie, diagnose en behandeling van de ziekte te verbeteren. Het aandachtsveld zijn enkele moleculair-gerichte antikankermedicijnen.

Deze medicijnen worden veelal gebruikt in een standaard dosering. Uit het onderzoek blijkt dat er een grote variatie aan blootstelling aan het medicijn bestaat, zodat de behandeling niet optimaal is of er ernstige bijwerkingen zijn.

Met ziekenhuisfarmacie naar gerichte farmaceutische patiëntenzorg

Jos Kosterink gaat in zijn rede in op de ondersteuning en de eigenstandige verantwoordelijkheid van de ziekenhuisfarmacie in de patiëntenzorg, het onderzoek en het onderwijs. In de patiëntenzorg kan de ziekenhuisfarmacie betrekking hebben op vrijwel de volledige populatie patiënten, maar is zij ook steeds meer toegesneden op subpopulaties of individuele patiënten die, al dan niet opgenomen in het ziekenhuis, specialistisch behandeld worden. Het betreft hier farmaceutische patiëntenzorg die op de populatie is gericht of is toegesneden op de patiënt als individu.

Minder depressies door optimisme-gen

Een genetische variatie in een hersenreceptor beïnvloedt de gevoeligheid voor stress en depressie. Dat blijkt uit onderzoek waarop Liane Klok op donderdag 15 december 2011 aan het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) promoveert. Cortisol is belangrijk bij het omgaan met stressvolle situaties. Het hormoon brengt zijn effecten onder andere tot stand door te binden aan de mineralocorticoïd receptor (MR) in de hersenen. Van deze MR zijn drie veelvoorkomende genetische varianten geïdentificeerd. Promovenda Liane Klok ontdekte dat vrouwen met een bepaalde variant optimistischer zijn.