Erwin Roebroeks, fotograaf Keke Keukelaar

Genezen van een obsessief-compulsieve stoornis

Van zijn twaalfde tot zijn tweeëntwintigste bevindt Erwin Roebroeks zich in de greep van een dwangstoornis. Hij doucht acht uur per dag, drinkt zeepsop terwijl hij chirurgenkleding draagt, en snijdt zijn huid open om die vanbinnen schoon te kunnen maken. De medische wereld schrijft hem aanvankelijk af. Roebroeks zal nooit van zijn ernstige obsessief-compulsieve stoornissen

Oorsprong dwangmatig gedrag zichtbaar in hersenen

Obsessief-compulsief (dwangmatig) gedrag ontstaat door erfelijke en omgevingsfactoren. Dat veroorzaakt zichtbare veranderingen in de hersenen.

Uit het promotieonderzoek van Anouk den Braber blijkt dat die hersenveranderingen bij obsessief-compulsief gedrag door erfelijke factoren anders zijn dan bij obsessief-gedrag door omgevingsfactoren.

Brein kinderen met dwangstoornissen verandert door therapie

Psychotherapie bij kinderen met dwangstoornissen leidt tot aanpassingen in de hersenen en vermindering van dwangsymptomen. Dat blijkt uit onderzoek van Chaim Huyser, kinder- en jeugdpsychiater van de Bascule, een academisch centrum voor kinder- en jeugdpsychiatrie dat nauw samenwerkt met het AMC en VUmc.

Dwanghandeling leidt tot obsessie, en niet andersom

Automatische dwanghandelingen zijn mogelijk de voorbode van dwangstoornissen, en dwanggedachten ontstaan uit een behoefte om dit schijnbaar irrationele gedrag te rechtvaardigen. Dit blijkt uit onderzoek van de Universiteit van Amsterdam (UvA) en de University of Cambridge. De bevindingen, die onlangs zijn gepubliceerd in het gerenommeerde American Journal of Psychiatry, gaan in tegen de heersende gedachte

Aandacht voor aandachtsproblemen

Veel patiënten met obsessieve-compulsieve stoornis (OCS) vertonen ook symptomen van ADHD of autisme. De drie stoornissen lijken bovendien met elkaar verbonden te zijn door aandachtsproblemen. Met deze kennis kan de behandeling van OCS-patiënten verbeteren, bijvoorbeeld door een aanvullende gedragstraining, stelt psycholoog Gideon Anholt op basis van zijn promotieonderzoek.