Softenon helpt bij afwijking aan de bloedvaten

0
665

Patiënten met de zeldzame erfelijke ziekte HHT, die door een afwijking aan de bloedvaten buitensporig veel bloedneuzen hebben, kunnen baat hebben bij Softenon. Dat schrijft een internationale groep onderzoekers, onder wie prof. Christine Mummery van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC), in Nature Medicine. Met deze nieuwe inzichten is verder onderzoek mogelijk naar gebruik van Softenon bij de behandeling van vaatlijden, bijvoorbeeld bij diabetespatiënten of bij kankerpatiënten die bestraald worden.

De publicatie toont aan hoe Softenon op drie manieren ingrijpt op de vorming van bloedvaten. Het middel versnelt de groei van gladde spiercellen om bloedvaten heen, daarnaast grijpen de spiercellen zich steviger met een soort vingertjes aan de bloedvaten vast. Ten slotte heeft Softenon ook een effect op de bloedvaten zelf, die meer PDGF aanmaken. Deze groeifactor trekt gladde spiercellen aan zodat die dichter tegen de bloedvaten aan komen te liggen. Dit alles leidt tot bloedvaten die stabieler zijn en minder snel lek gaan.

Nieuwe toepassingen
Softenon oftewel thalidomide werd eind jaren vijftig geïntroduceerd als slaapmiddel en medicijn tegen ochtendmisselijkheid bij zwangere vrouwen. Toen bleek dat ongeboren kinderen door effecten van Softenon op de bloedvaten misvormde ledematen ontwikkelden, werd het middel van de markt gehaald. De laatste jaren zijn er echter nieuwe toepassingen ontdekt, onder andere bij de behandeling van lepra en kanker. Zo kan Softenon de werking van chemotherapie verbeteren, doordat de bloedvaten naar de tumor onder andere meer vertakkingen hebben. Dat Softenon ook invloed heeft op neusbloedingen bij HHT-patiënten, werd ontdekt doordat een HHT-patiënt met een maagtumor als aanvullende behandeling Softenon slikte. Hij ontdekte toen dat zijn neusbloedingen afnamen.

Osler-Weber-Rendu
Ongeveer één op de tienduizend mensen lijdt aan hereditary hemorrhagic telangiectasia (HHT), ook wel bekend als de ziekte van Osler-Weber-Rendu. Door een genetische afwijking hebben deze patiënten plaatselijk heel dunne vaatwanden. Ze krijgen daardoor vaak wel tientallen malen per week een bloedneus. Sommige patiënten ondergaan meerdere malen per jaar een bloedtransfusie en lijden aan bloedarmoede. Behalve bloedneuzen ontstaan incidenteel ook bloedingen in hersenen of longen, met veel ernstigere gevolgen. Toch hebben de bloedneuzen, ook al zijn ze niet levensbedreigend, de grootste impact op de kwaliteit van leven. Behandeling met medicijnen zoals ontstekingsremmers of stollingsmiddelen werkt niet bij iedereen. Een alternatief is een huidtransplantatie die het neusslijmvlies vervangt of het dichtnaaien van de neus. Nu is er ook Softenon.