RS-virus is een wintergast

0
881

Ieder jaar worden zo’n 2500 zuigelingen in het ziekenhuis opgenomen vanwege een infectie met het respiratoir syncytieel virus. Het virus veroorzaakt griepachtige klachten en gedijt bij nat en koud weer. De ziekte piekt daardoor meestal rond de Kerstdagen, zo blijkt uit NIVEL-onderzoek van Tamara Meerhoff, waarop zij 8 juni promoveerde aan de Vrije Universiteit.

Het respiratoir syncytieel virus veroorzaakt een infectie van de luchtwegen die wat lijkt op griep. De infectie wordt daar ook vaak mee verward. Vrijwel alle kinderen boven de twee jaar hebben wel een rs-virusinfectie doorgemaakt. Vooral kinderen jonger dan zes maanden en te vroeg geboren kinderen kunnen er ernstig ziek van worden. Per jaar worden zo’n 2500 zuigelingen opgenomen in het ziekenhuis vanwege een rsv-infectie. NIVEL-onderzoeker Tamara Meerhoff keek naar de relatie tussen het voorkomen van rsv-infecties en het weer – de temperatuur en de luchtvochtigheid – in de vier weken ervoor. De epidemie start ieder jaar rond week 44 met een piek in week 52. “Hoe kouder, hoe meer rsv-infecties”, verklaart ze, “en hoe hoger de vochtigheidsgraad, hoe meer rsv-infecties. De luchtvochtigheid blijkt het belangrijkste.”

Zusje van griep
Doordat rsv-infecties zo sterk lijken op griep en in hetzelfde jaargetijde voorkomen, vertroebelen ze de griepcijfers in de winter. Daardoor is niet duidelijk hoeveel mensen griep hebben en hoeveel een rsv-infectie. Tamara Meerhoff deed daarom ook onderzoek naar de surveillance van het rs-virus. Ze keek welke landen gegevens over het virus verzamelen en deed aanbevelingen om die surveillance te verbeteren. Kwaliteitscontroles in labs zouden bijvoorbeeld kunnen bijdragen aan een betere surveillance.

Weer als voorspeller
“Met een goede surveillance kun je beter bepalen wanneer je de hoogrisicogroepen een preventief geneesmiddel (palivizumab) moet geven”, verklaart ze, “waardoor minder zuigelingen ziek worden en je ziekenhuisopnames kunt voorkomen. Informatie over het weer – temperatuur en luchtvochtigheid – kan daarbij helpen als voorspeller. Als er in de toekomst een vaccin is ontwikkeld, zou je de effectiviteit in die surveillance kunnen onderzoeken. Het zou ook goed zijn de surveillance uit te breiden naar andere virussen om inzicht te krijgen in de oorzaken van de verschillende luchtweginfecties. Dat kan met dezelfde inspanning.”