Proef flexibele onderwijstijd gestart

Dit schooljaar starten 7 basisscholen met het driejarige experiment ‘flexibele onderwijstijd’ van het ministerie van OCW. Deze scholen krijgen de mogelijkheid om in samenspraak met ouders, kinderopvanginstellingen en het schoolpersoneel het onderwijs zo te organiseren dat dit past bij de wensen van deze tijd.

Zij mogen de onderwijstijd flexibel verdelen over het schooljaar (inclusief de zomervakantie). Hierdoor kunnen onderwijs en opvang optimaal op elkaar worden afgestemd voor zowel individuele leerlingen als voor hele klassen. Minister Marja van Bijsterveldt wil de resultaten van deze proef gebruiken om de onderwijstijdregelgeving te actualiseren.

Flexibele onderwijstijden kunnen positief bijdragen aan het maatwerk dat aan iedere leerling wordt geboden, de aansluiting tussen onderwijs en opvang en de rust en regelmaat van de dagindeling voor zowel leerlingen als hun ouders. Daarnaast krijgen leerkrachten overdag meer tijd beschikbaar voor niet-lesgebonden taken. Minister Marja van Bijsterveldt: ‘Ik wil toe naar een vorm van onderwijs die past bij de wensen van gezinnen en scholen. Waar leerlingen dagelijks worden uitgedaagd het beste uit zichzelf te halen en waar ouders zorg en werk beter kunnen combineren.’ Bijkomend voordeel voor ouders en leerkrachten kan zijn dat de periode en de duur van de zomervakantie flexibeler wordt.

De deelnemende scholen zijn:
– Laterna Magica in Amsterdam
– De Sterrenschool te Apeldoorn
– De Parapluschool in Ede
– Bikube te Hoofddorp
– De Casaschool te Pijnacker
– De School te Zandvoort
– De Sterrenschool te Zevenaar

Voorwaarden
De minister geeft met dit experiment de zeven scholen – onder voorwaarden – de ruimte af te wijken van de huidige onderwijstijdenregeling. Tellen lesuren gegeven in de zomervakantie onder de huidige regelgeving niet mee voor het verplicht aantal uren onderwijstijd, in het experiment doen ze dat wel. Ook mogen de experimentscholen afwijken van de huidige regeling op het punt dat een schoolweek uit minimaal 5 dagen moet bestaan waarbij maximaal 7 schoolweken per schooljaar vierdaags mogen zijn.

Als voorwaarden stelt de minister dat de leerlingen aan het eind van de basisschool de kennis en vaardigheden moeten hebben die de wet voorschrijft. Ook moeten de experimentscholen zich houden aan de minimale onderwijstijd van 7.520 uur in acht jaar en de onderwijstijd moet evenwichtig worden verdeeld over de dag en het schooljaar. De Onderwijsinspectie zal hier op toezien. Aangezien er geen sprake is van een uitbreiding van het aantal lesuren, maar een herschikking, ontvangen de deelnemende scholen geen extra financiële middelen vanuit het departement.

Actualisering onderwijstijdregelgeving
Vanaf 1 augustus 2012 kunnen nog drie andere scholen aan het experiment meedoen. De ervaringen met het flexibel inrichten van de onderwijstijden worden gemonitord door onderzoekbureau Regioplan. Minister Van Bijsterveldt gaat de ervaringen gebruiken om in de volle breedte te kijken naar de mogelijkheden van meer flexibiliteit in de onderwijstijdregelgeving.