Procedure tegen jeugdzorgorganisatie wegens seksueel misbruik meisje

0
651

De ouders van een meisje uit Enschede starten een civiele procedure tegen jeugdzorgorganisatie Stichting LSG-Rentray. Tijdens een uithuisplaatsing was zij in een behandelgroep slachtoffer van seksueel grensoverschrijdend gedrag van jongens. De advocaat van de ouders heeft ook Jeugdzorg Overijssel en de Staat gedagvaard. Volgens een extern bureau had de behandelgroep te weinig geschoolde medewerkers, fungeerde het team gebrekkig, was de werkdruk hoog en het leefklimaat voor de kinderen onveilig. Om een behandeling van hun dochter te kunnen betalen, eisen de ouders een voorschot op een schadevergoeding.

Tussen juli 2007 en september 2009 verbleef het meisje in een behandelgroep van het tot de stichting behorende Commujon (‘Communicatie met Jongeren’) te Almelo. In deze groep zaten kinderen van 6 tot 12 jaar met ernstige ontwikkelings- en gedragsproblemen. In september 2009 kwam aan het licht dat het meisje binnen de groep slachtoffer was van seksueel grensoverschrijdend gedrag van meerdere jongens. Zij was toen 9 jaar. Volgens deskundigen is het meisje door het misbruik zwaar beschadigd en is een intensief en langdurig traject nodig om enig zicht op herstel te krijgen.

Commujon en Bureau Jeugdzorg blijken – volgens een rapport van adviesbureau Montfoort en informatie van Jeugdzorg zelf – niet geëquipeerd te zijn geweest voor de begeleiding van jonge kinderen met seksuele gedragsproblemen. Volgens de advocaat van de ouders – mr. A. Oude Middendorp – is er sprake van een ernstige schending van de zorgplicht door Stichting LSG-Rentray waar Commujon toe behoort. Ook het Bureau Jeugdzorg Overijssel, een stichting van het Leger des Heils op het gebied van welzijns- en gezondheidszorg en de Staat hebben volgens Oude Middendorp steken laten vallen: “De Staat is krachtens het Internationaal Verdrag voor de Rechten van het Kind en het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens aansprakelijk. En de bewuste organisaties zijn aansprakelijk voor het handelen van hun ondergeschikten. De ouders verwijten deze organisaties dat er gedurende lange tijd ernstig seksueel overschrijdend gedrag plaats heeft kunnen vinden en dat dit daarna verborgen is gebleven voor de groepsleiding. Al in 2008 kwamen er signalen dat er mogelijk sprake was van misstanden maar die zijn niet adequaat opgepakt.”

Nadat het seksueel misbruik aan het licht was gekomen, werd het meisje versneld terug naar huis geplaatst. Dat gebeurde volgens de ouders zonder nazorg. Van een adequate opvang en begeleiding was geen sprake. Mr. Oude Middendorp: “Na alles wat er was gebeurd, voelden de ouders en het meisje zich volstrekt aan hun lot overgelaten. Pogingen om tot een vergelijk met de stichting te komen zijn op niets uitgelopen. Men geeft domweg niet thuis. Daarom rest de ouders nu geen andere weg dan de juridische. Met een voorschot op een schadevergoeding kan de genezing van het meisje hopelijk deels in gang worden gezet.”