Preventie: voorkomen is beter dan genezen

0
541

De gezondheidszorg in Nederland is een groot goed. Het is bijna een heilig huisje. En wat valt op: in de zorg geven we de meeste euro’s uit aan het eind van het zorgproces, namelijk in de laatste jaren van het leven.

Vorige week werden de nieuwste cijfers bekend over de uitgaven in de Awbz. Die stijgen nog steeds ondanks doorgevoerde bezuinigingen en overdracht van de huishoudelijke hulp aan de Wmo. Krachtens de Awbz wordt alle langdurige zorg betaald: zorg in verzorgings- en verpleegtehuizen, verpleegkundige zorg aan huis en zorg aan gehandicapten. Jaarlijks kost de Awbz 1400 euro per inwoner.

Door de vergrijzing neemt de vraag naar zorg, en dus ook de kosten, alleen nog maar toe. Het aantal mensen dat deze moet opbrengen, neemt daarentegen af.

Voldoende reden om het anders te organiseren. Aan preventie wordt tot nu toe weinig aandacht besteed en de voor preventie beschikbare middelen zijn beperkt.

Niettemin staan wij op het standpunt: voorkomen is beter dan genezen. De VNG pleit daarom voor versterking van de preventie. Met een koppeling van de Wmo en de gemeentelijke taken op het terrein van de publieke gezondheid is veel winst te behalen. Ouderen zo lang mogelijk actief laten zijn en eenzaamheid voorkomen, daar draait het om. Daarbij gaat het niet alleen om sociale contacten maar ook om letterlijk in beweging blijven. Preventie moet erop gericht zijn dat mensen zo lang mogelijk in staat zijn voor zichzelf te zorgen, inclusief het doen van de dagelijkse boodschappen.

Op een totaalbedrag van 66 miljard euro per jaar vraagt de VNG om een half miljard voor preventie. Dat is slechts 1,5 tot 2% van de Awbz en Zvw-premie. Een bedrag dat zich met een goed preventiebeleid snel terugverdient.

Preventie loont. Dat blijkt ook uit andere voorbeelden. Zo werd onlangs duidelijk dat geweld in de thuissituatie naast gezondheidsschade tot een verzuimschade van 136 miljoen euro per jaar leidt. Preventiemaatregelen op dit terrein betekenen niet alleen dat veel leed kan worden voorkomen maar ook dat de gezondheids-, economische en maatschappelijke schade fors afneemt.

Daarom: preventie, preventie en nog eens preventie!

Het is zo vanzelfsprekend maar tegelijkertijd zo moeilijk om er de bestuurlijke handen voor op elkaar te krijgen.