Pneumokokkenvaccin helpt, maar moet beter

Het modernste vaccin tegen pneumokokken bij zuigelingen werkt goed, maar vergt toch aanpassing. Dat concludeert kinderarts-in-opleiding Gerwin Rodenburg van het Universitair Medisch Centrum Utrecht. Hij promoveert op 17 maart.

Per jaar veroorzaken pneumokokkenbacteriën in Nederland circa 2500 gevallen van hersenvliesontsteking, bloedvergiftiging, en invasieve luchtweginfecties. Volgens het Rijksvaccinatieprogramma krijgen baby’s in de eerste twaalf maanden vier prikken die beschermen tegen zeven soorten pneumokokken.

Vaccineren vermindert het aantal ernstige pneumokokken infecties bij baby’s, concludeert Rodenburg, maar minder dan verwacht. Uit zijn onderzoek blijkt dat infecties met de zeven soorten pneumokokken verdwijnen bij gevaccineerde baby’s. Maar ook ongevaccineerde mensen profiteren van de babyvaccinatie, want in de hele bevolking nemen infecties met deze zeven soorten pneumokokken af. Dat is te danken aan de zogenaamde groepimmuniteit: pneumokokken komen minder voor in de neus en keel van gevaccineerde baby’s en worden hierdoor minder verspreid naar andere mensen.

Vervangende soorten
Een deel van deze gezondheidswinst wordt echter tenietgedaan. Door het vaccineren nemen infecties door andere soorten pneumokokken juist toe. Ze nemen als het ware deels de plaats in van de soorten die door het vaccin verjaagd zijn. Deze vervangende soorten kunnen even schadelijk zijn.

“Het resultaat van deze ‘typevervanging’ is dat het huidige zevenwaardige pneumokokkenvaccin niet kosteneffectief is”, zegt Rodenburg. “We boeken gezondheidswinst, maar niet genoeg. Daarom starten we dit jaar met een tienwaardig vaccin. Daarmee hopen we zoveel infecties te voorkomen dat het wel kosteneffectief is.”

Miljoenen euro’s
Onderzoekers van het UMC Utrecht hebben eerder al laten zien dat baby’s net zo goed beschermd zijn met drie prikken in plaats van de huidige vier. Rodenburg: “Minder vaccineren zou ook voldoende zijn om de pneumokok te bestrijden, zeker een paar jaar na invoering van het pneumokokkenvaccin. Alleen deze aanpassing al zou enkele miljoenen euro’s per jaar schelen.”

Rodenburg pleit voor een “meer dynamisch vaccinatiebeleid”. Pneumokokken blijken zich snel aan te passen aan nieuwe omstandigheden. “Het betekent dat het vaccinatiebeleid nooit af is, maar voortdurend wetenschappelijk onderzoek vergt naar werkzaamheid en veiligheid.”

De Utrechtse onderzoekers beschreven deze resultaten ondermeer in de tijdschriften Emerging Infectious Diseases van mei 2009 en de Journal of American Medical Association van juni 2009 en september 2010. Prof. dr. Lieke Sanders van het UMC Utrecht begeleidde het onderzoek, dat samen met het Linnaeus Instituut in Hoofddorp en het RIVM is uitgevoerd.

Plaats een reactie