Onderzoek naar nieuwe borstkankertest verloopt gunstig

0
618

De eerste resultaten van een tienjarig onderzoek naar het voorspellen van borstkanker zijn veelbelovend. Prof.dr. Paul van Diest van het UMC Utrecht presenteert de resultaten donderdag 12 april 2012 bij de aanbieding van een cheque door onderzoekssponsor A Sister’s Hope.

In het onderzoek analyseren wetenschappers van het UMC Utrecht tepelvocht van vrouwen die een hele grote kans hebben om borstkanker te krijgen. De vrouwen hebben borstkanker in de familie of hebben mutaties in twee borstkankergenen. Het tepelvocht bevat erfelijk materiaal van borstcellen. Als een vrouw borstkanker krijgt, treden veranderingen op in het erfelijk materiaal. De wetenschappers hopen een test te maken die borstkanker via tepelvocht kan opsporen vóór de tumor voelbaar is of tevoorschijn komt op een röntgenfoto. De test draait om de zogenaamde “methylering”, de chemische uitschakeling van genen. De onderzoekers analyseren het uitschakelen van genen die het ontstaan van kanker remmen.

Hoopgevende resultaten
Door vierhonderd vrouwen tien jaar te volgen kunnen de onderzoekers een verband leggen tussen methylering en het ontstaan van borstkanker. Hoofdonderzoeker Van Diest hoopt uiteindelijk met de test te voorspellen of individuele patiënten borstkanker ontwikkelen. Zo ver is het nog niet. Maar het onderzoek loopt inmiddels vier jaar en de eerste resultaten zijn hoopgevend. Uit de voorlopige analyse blijkt dat vrouwen met een hoog risico op borstkanker en vrouwen met borstkanker meer methylering hebben dan gezonde vrouwen.

Gevarenzone
“Deze gunstige resultaten zijn voor ons een stimulans om verder te gaan met het onderzoek”, reageert Van Diest. “Als de tepelvocht-test werkt, kunnen we vrouwen met een grote kans op borstkanker beter adviseren over het preventief verwijderen van een borst. Als een vrouw volgens de test in de gevarenzone verkeert, kan ze overgaan tot deze drastische ingreep. Als de testuitslag gunstig is, hoeft dat nog niet – ook al heeft ze een hele grote kans op borstkanker. Maar voorlopig is de test nog niet bruikbaar om individuele voorspellingen te doen.”

Cheque
Donderdag 12 april biedt A Sister’s Hope een cheque aan ter waarde van bijna 70.000 euro. De afgelopen vier jaar heeft de stichting, die wetenschappelijk onderzoek naar borstkanker financiert, al meer dan een miljoen euro aan het UMC Utrecht gegeven. Van Diest: “Zonder financiële steun van A Sister’s Hope hadden wij dit zeer risicovolle maar veelbelovende onderzoek nooit op kunnen zetten.” Het geld van A Sister’s Hope wordt via de Stichting Vrienden UMC Utrecht beschikbaar gesteld. De Stichting Vrienden UMC Utrecht werft geld voor medisch onderzoek en innovatie in het UMC Utrecht.

In Nederland krijgt meer dan 1 op de 9 vrouwen borstkanker. Ongeveer een kwart van de vrouwen overlijdt aan de ziekte. Preventie en vroege opsporing is dan ook zeer belangrijk. Mammografie is hiervoor heel belangrijk maar spoort niet in alle gevallen de tumor in een vroeg stadium op. Dit is vooral een probleem bij vrouwen met een erfelijk aanleg voor borstkanker, waar tumoren zich vaak tussen de screeningsmomenten openbaren. Tepelvocht is bij vrijwel alle vrouwen op te wekken, en daarin bevinden zich eiwitten, cellen en DNA uit de borst, afkomstig uit de melkgangen. Borstkanker ontstaat uit de cellen rond de melkgangen.

Het onderzoek wordt geleid door patholoog prof.dr. Paul van Diest en oncoloog prof.dr. Elsken van der Wall van het UMC Utrecht. Ze werken samen met het Johns Hopkins Oncology Center in Baltimore (VS).