Onderzoek naar gemeentelijk vrijwilligerswerkbeleid

0
647

In 2011 besteedt zo’n 70% van de gemeenten aandacht aan jongeren in het vrijwilligerswerkbeleid. Dat blijkt uit onderzoek van MOVISIE onder gemeenten in Nederland om de stand van zaken van het gemeentelijk vrijwilligerswerkbeleid in kaart te brengen. Ook bedrijven zijn een steeds belangrijkere doelgroep: in het vrijwilligerswerkbeleid besteedt ruim de helft van de gemeenten aandacht aan deze doelgroep. Opvallend is ook dat nog lang niet alle gemeenten de verbinding tussen vrijwilligerswerkbeleid en de Wmo leggen en hierdoor kansen onbenut laten.

Gemeenten zien jongeren als vrijwilliger van de toekomst
De aandacht voor jongeren in het vrijwilligerswerk is bij gemeenten tussen 2005 en 2011 gestaag gegroeid. Waar in 2005 in ruim 35% van de gemeenten jongeren aandacht kregen in het vrijwilligerswerkbeleid, is dit in 2011 gestegen tot 70%. Dit lijkt een logisch gevolg van de invoering van de wettelijk verplichte maatschappelijke stage. De aandacht voor dit onderwerp is in het gemeentelijk vrijwilligerswerkbeleid flink gestegen. In 2005 maakte ruim 25% van de gemeenten de koppeling tussen vrijwilligerswerk en maatschappelijke stage, in 2011 is in 86% van de gemeentelijke beleidsnota’s aandacht voor maatschappelijke stages.

Samenwerking met bedrijfsleven
De laatste jaren wordt voor gemeenten steeds duidelijker dat ze er met hun systeemverantwoordelijkheid in de Wmo niet alleen voor staan. Welzijnsorganisaties, vrijwilligersorganisaties en -steunpunten, scholen en bedrijven zijn allemaal bereid om hun steentje bij te dragen en worden door gemeenten steeds vaker betrokken. Zo werden welzijnsorganisaties in 2005 nog door 48% van de gemeenten betrokken, in 2011 is dit al 82%. Ook bedrijven worden steeds meer als serieuze samenwerkingspartner en/of leverancier van vrijwilligers of vrijwilligersbanen gezien. In 2011 ziet 52% van de gemeenten een rol voor bedrijven weggelegd in relatie met vrijwilligerswerk. Logisch is dan ook de aandacht die er in het vrijwilligerswerkbeleid is voor het thema maatschappelijk betrokken ondernemen. In 2011 heeft ruim 50% van de gemeenten hier aandacht voor, ten opzichte van ruim 30% in 2010.

Geen verbinding vrijwilligerswerkbeleid met Wmo
In 40% van de gemeenten wordt actief bijgedragen aan promotiecampagnes voor het vrijwilligerswerk en in 54% van de gemeenten wordt een vrijwilligersprijs uitgereikt. Waardering voor vrijwilligerswerk is er dus. Maar een belangrijk knelpunt bij gemeenten blijft de geïsoleerde positie die vrijwilligerswerk binnen het ambtelijk apparaat uitmaakt. Nog lang niet alle gemeenten leggen de verbinding tussen vrijwilligerswerkbeleid en de Wmo. Door die verbinding wel te leggen, zouden gemeenten meer personele inzet (FTE) en budget vrij kunnen maken. En zowel FTE als budget blijken nu nog de belangrijkste knelpunten in het uitvoeren van vrijwilligerswerkbeleid. Na de beschikbare formatie en het beschikbare budget, noemen gemeenten de kwaliteit van het lokale steunpunt als knelpunt.

Uitgebreide weergave onderzoeksresultaten
Door middel van een 2-meting onder gemeenten in Nederland heeft MOVISIE de stand van zaken van het vrijwilligerswerkbeleid in kaart gebracht. Gemeenten werden onder andere bevraagd over de inhoud van het vrijwilligerswerkbeleid, de doelgroepen waar het zich op richt, de knelpunten die ondervonden worden en de gewenste ondersteuning. Deze 2-meting vormt de derde meting na de eerder uitgevoerde 0-meting (2006) en 1-meting (2008).

Enkele onderzoeksresultaten:
– In 2011 is de inzet van vrijwilligers in het ontlasten van betaalde zorg voor ruim 60% van de gemeenten een speerpunt.
– Gemeenten betrekken vrijwilligers vooral bij het vormgeven van vrijwilligerswerkbeleid door hen te informeren en te raadplegen.
– Maatschappelijke stage staat in 2011 het hoogst op de agenda van gemeentelijk vrijwilligerswerkbeleid. Ook waardering van vrijwilligerswerk en deskundigheidsbevordering scoren hoog.
– Het verzorgen van een collectieve verzekering voor vrijwilligers noemen gemeenten het vaakst als instrument ter ondersteuning van het vrijwilligerswerk. Ook het bieden van subsidie en het in stand houden van een vrijwilligerssteunpunt zijn veel genoemde instrumenten.
– Het grootste deel van de steunpunten is anno 2011 ondergebracht bij brede welzijnsstichtingen. Slechts 13% van de steunpunten is nog een zelfstandige organisatie, in 2008 was dat 24%.

Alle onderzoeksresultaten staan uitgebreid beschreven in het rapport 2-meting gemeentelijk vrijwilligerswerkbeleid, te downloaden en te bestellen via www.movisie.nl/publicaties.