Onderzoek naar de behandeling van lichamelijke klachten bij musici

Ongeveer zeventig procent van de orkestmusici kampt met lichamelijke klachten die voortkomen uit datgene waar ze nu juist zoveel van houden: muziek maken. In veel gevallen treden de klachten op doordat musici een verkeerde houding aannemen tijdens het bespelen van hun instrument. Dat kan zelfs de klank van het instrument beïnvloeden.

Vera Baadjou, revalidatiearts in opleiding en promovenda aan de Universiteit Maastricht, gaat onderzoeken of een op Mensendieck gebaseerde behandelmethode effectief is tegen deze klachten. Dit onderzoek wordt mogelijk gemaakt door een schenking van Ans Samama, die deze methode ontwikkelde en toepaste bij duizenden professionele musici. Zij heeft een fonds opgericht om deze methode wetenschappelijk te toetsen.

Lichaamshouding
“Het blijkt dat een heel groot percentage van de conservatoriumstudenten problemen krijgt door het musiceren, vergelijkbaar met KANS-klachten (Klachten Arm Nek Schouder), voorheen RSI genoemd. Deze klachten uiten zich in pijn, tintelingen en zelfs problemen bij de aansturing van bijvoorbeeld de armen of vingers. Dit komt onder andere doordat op de conservatoria weinig aandacht besteed wordt aan lichaamshouding”, stelt Baadjou. “Studenten wordt in feite niet geleerd hoe ze hun lichaam efficiënt moeten gebruiken om overbelasting te voorkomen, terwijl er bijvoorbeeld wel veel aandacht is voor techniek.” Baadjou benadrukt dat het juist erg belangrijk is om al in een vroeg stadium een correcte lichaamshouding aan te leren, omdat je daarmee veel van de klachten die later kunnen optreden kunt voorkomen. “In de praktijk is gebleken dat ongeveer tachtig procent van Samama’s patiënten verminderde tot geen klachten meer heeft na behandeling. Met dit onderzoek willen we meten of een ‘goede musiceerhouding’ effect heeft op het voorkómen van lichamelijke klachten onder conservatoriumstudenten.”

De methode van Samama
De behandelmethode die Baadjou gaat onderzoeken is ontwikkeld door Ans Samama en vindt haar oorsprong in de Mensendiecktherapie. De therapie is een combinatie van bewustwording en houding. “Het is belangrijk je bewust te worden van je eigen lichaam, van de spieren die je gebruikt tijdens het spelen en de manier waarop je moet zitten. Daarnaast vraagt Samama haar patiënten om met de romp iets meer naar voren te zitten, het borstbeen een stukje naar voren te brengen en ervoor te zorgen dat het bekken licht naar achteren gekanteld kan worden. Op die manier wordt de rug recht en sterk en is er meer ruimte voor de armen om vrij te kunnen bewegen. Dit leidt tot een betere balans van spiergebruik en resulteert in een betere ademhaling”, legt Baadjou uit. Dit laatste is zelfs van essentieel belang voor blazers vanwege de directe invloed op de toonkwaliteit.

Drie soorten spieren
De Samama-methode gaat er vanuit dat tijdens het musiceren drie soorten spieren worden gebruikt: de balansspieren, de actieve speelspieren en de passieve speelspieren. De balansspieren zijn de – voornamelijk onderste – grote spieren in de rug die ervoor zorgen dat de lichaamsbalans stevig is. De actieve speelspieren zijn de spieren die zich actief aanspannen tijdens het spelen van muziek. Bij een violist zijn dit de vingers, polsen en de armen. De passieve speelspieren zijn de spieren die ontspannen gehouden moeten worden tijdens het spelen, zoals de schouders en de bovenste nekspieren. Het is de bedoeling om een goede samenwerking te creëren tussen die drie soorten spiergroepen. De methode van Samama is bijzonder, omdat deze zich specifiek op musici richt. “Fysiotherapeuten kunnen wel hun algemene therapieën toepassen, maar deze zijn nooit gericht op een muzikant in het bijzonder. Omdat Samama al jaren vrijwel alleen met musici werkt, kent ze de specifieke bewegingen die zij maken en de technieken van ieder instrument, waardoor ook een specifieke behandeling mogelijk is”, aldus Baadjou.

Onderzoeksopzet
Het onderzoek bevindt zich momenteel nog in de opstartfase, waarin nagedacht wordt over de precieze aanpak. Ans Samama zelf denkt ook actief mee over de opzet. Baadjou: “Het idee is om een groep eerstejaarsstudenten van conservatoria op te splitsen, waarbij de ene helft van de groep geen therapie krijgt (dus het conservatorium doorloopt zoals het nu is) en de andere helft een preventief lesprogramma doorloopt, waarin de Samama-methode wordt uitgelegd en toegepast. We willen starten in het eerste studiejaar en gedurende de latere jaren herhalingslessen uitvoeren. Binnen het programma leggen we aan de studenten uit hoe het lichaam in elkaar zit, hoe het wordt gebruikt tijdens het spelen en welke mogelijkheden er zijn om de houding te verbeteren. Vervolgens leren we ze de juiste houding ook aan. We verwachten dat de methode leidt tot een betere houding en daardoor tot minder klachten. Dat testen we aan het einde van het vierde studiejaar, door middel van pijnscores, interviews en metingen van bijvoorbeeld het spiergebruik, coördinatie en ademvolume.”

Beeldschermwerkers
De behandeling van Samama kan ook toegepast worden op beeldschermwerkers. Dit komt omdat zij eenzelfde soort klachten ontwikkelen, die mede ontstaan door repeterende bewegingen en verkeerd gebruik van arm, nek en schouders. Al tien jaar geleden onderzocht Samama haar methode in de preventie en behandeling van KANS-klachten, samen met revalidatiearts dr. Marjon van Eijsden-Besseling, die op dat onderwerp onlangs promoveerde. Er zijn volgens Baadjou echter wel grote verschillen tussen musici en beeldschermwerkers. “Een groot verschil zit in het prestatieniveau. Het is moeilijker om als muzikant de optimale toonkwaliteit te bereiken dan als beeldschermwerker de juiste letters op het scherm te doen verschijnen. Muzikanten ervaren daarom een grotere druk om altijd maar goed te presteren. Zodra je als musicus een paar fouten maakt, word je vaak zonder pardon vervangen door iemand anders. Daarnaast zijn er weinig vacatures en speelt (podium)angst een grote rol. Al deze risicofactoren dragen bij aan de mate van stress die musici ervaren, waardoor de kans op het ontstaan van lichamelijke klachten verhoogd wordt.”

Tijdens het laatste jaar van haar studie geneeskunde onderzocht Vera Baadjou al het effect van lichaamshouding op het energieverbruik bij musici. Naar aanleiding van dat onderzoek werd Baadjou benaderd om de wetenschappelijke waarde van de Samama-methode te onderzoeken, een onderzoeksplek die gecreëerd is met behulp van het Samama Fonds. De naamgeefster van het fonds schenkt 150.000 euro aan het Universiteitsfonds Limburg/SWOL.

Baadjou is momenteel bezig met een AIOSKO- traject in de revalidatiegeneeskunde (arts in opleiding tot specialist en klinisch onderzoeker) bij Adelante Zorggroep. Binnen dit traject hoopt ze te promoveren aan de Universiteit Maastricht bij de vakgroep Revalidatiegeneeskunde. Het onderzoek heeft een looptijd van zeven jaar; de resultaten zullen naar verwachting eind 2017 gepubliceerd worden. Het onderzoek wordt gefinancierd door het Ans Samama Fonds.

Auteur: Dunja Bajic, Research Magazine Universiteit Maastricht