Nicotine schaadt puberhersenen

Jong beginnen met roken kan op latere leeftijd aandachtsstoornissen veroorzaken. Onderzoekers van de Neuroscience Campus Amsterdam van de VU/VUmc hebben een nieuw mechanisme ontdekt dat verklaart hoe blootstelling aan nicotine op jonge leeftijd schade aan het brein tot gevolg kan hebben. Het onderzoek werd mede gefinancierd door de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek. Het verscheen zondag 20 februari als ‘advance online’ publicatie van het wetenschappelijk tijdschrift Nature Neuroscience.

De onderzoekers stelden adolescente ratten gedurende een beperkte periode bloot aan nicotine. Als deze ratten vervolgens getest werden als ze volwassen waren, bleek het concentratievermogen als gevolg van die blootstelling achteruit te zijn gegaan en hun impulsiviteit omhoog. De nicotine bleek dus langetermijnschade op te leveren: de ratten vertoonden als volwassenen gedragsproblemen. Ratten die alleen als volwassene nicotine binnenkregen, hadden geen last van blijvende problemen. De studie laat duidelijk zien dat de hersenen gedurende de adolescentie heel kwetsbaar zijn voor verslavende stoffen, zoals nicotine. Wanneer vertaald naar de mens kan jong beginnen met roken een rol hebben in het ontstaan van aandachtsstoornissen in de volwassenheid.

Schadeherstel
Sabine Spijker, Tommy Pattij en Huibert Mansvelder van de Neuroscience Campus Amsterdam ontdekten dat het eiwit metabotrope glutamaat receptor 2 (mGluR2) bij puberratten na blootstelling aan nicotine in aantal afnam en slechter functioneerde in de prefrontale cortex, het hersengebied dat betrokken is bij cognitieve functies als beslissingen nemen en plannen. Het eiwit voorkomt overstimulatie van zenuwcellen. Met medicijnen konden de onderzoekers de werking van het door nicotine aangetaste eiwit weer herstellen.

Roken, en de inname van nicotine, is een hardnekkige verslaving die vaak start tijdens de adolescentie. Recente studies lieten al zien dat adolescenten gevoeliger zijn voor de werking van nicotine, en dat roken tijdens deze periode de ontwikkeling van de frontale hersenen beïnvloedt. Tot nu toe was onduidelijk hoe nicotine zulke schadelijke langetermijneffecten veroorzaakt.

Hoe nicotine in het menselijk brein problemen veroorzaakt kan op basis van deze studie nog niet achterhaald worden. Dergelijk onderzoek, waarbij proefpersonen een korte en specifieke periode aan nicotine worden blootgesteld, is bij mensen moeilijk te herhalen. Juist personen die als jongvolwassene beginnen met roken, blijven namelijk de rest van hun leven roken.

Een groot deel van het onderzoek werd uitgevoerd door de AIO’s Danielle Counotte en Natalia Goriounova. NWO financiert het multidisciplinaire project dat werd uitgevoerd aan het CNCR (Center for Neurogenomics and Cognitive Research), onderdeel van de VU, en het VU medisch centrum.