Minder vitamine D bij kinderen van hoogbejaarden

0
768

Het verband tussen vitamine D en gezondheid is niet zo zeker als gedacht. De kinderen van families met negentigplussers blijken gemiddeld minder vitamine D in hun bloed te hebben dan leeftijdsgenoten. Dat schrijven onderzoekers van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) in de Canadian Medical Association Journal.

Dat kinderen van hoogbejaarden die meedoen aan de Leiden Lang Leven Studie minder vitamine D in het bloed hebben, hadden we niet verwacht, vertelt dr. Diana van Heemst van de afdeling Ouderengeneeskunde. “Het was interessant om te kijken hoe het vitamine D-gehalte bij hen is, omdat de relatie tussen laag vitamine D en ziekte niet duidelijk is. Er zijn eerder wel verbanden gevonden tussen een lage hoeveelheid vitamine D en ziekte, maar het bleef onduidelijk wat oorzaak en gevolg was. Het zou ook kunnen dat mensen die ziek zijn minder vaak buiten komen of minder gezond eten.”

Pillen
Kinderen van hoogbejaarden bereiken zelf ook vaak een hogere leeftijd. Nu ze rond de zestig zijn zie je al dat allerlei bloedwaardes, zoals het glucose, bij hen beter zijn dan bij hun partners.
Hoe het komt dat ze juist een lagere hoeveelheid vitamine D in het bloed hebben, is onbekend. “We hebben voor allerlei zaken gecorrigeerd, bijvoorbeeld of ze minder vitaine D-pillen slikten, omdat ze gezonder waren, maar dat is niet het geval”, aldus Van Heemst.

Efficiënter
Deze vondst betekent niet dat mensen moeten stoppen met zonnen of hun vitamine D-pillen moeten laten staan, benadrukt Van Heemst. “Er zijn veel verklaringen mogelijk. Mensen met minder vitamine D in het bloed gaan er misschien efficiënter mee om. We hebben bovendien naar een voorloper van het actieve vitamine D-hormoon gekeken, misschien maakt dat ook verschil.”

Vitamine D zit vooral in vette vis, maar onder invloed van de zon maakt de huid het ook. In veel organen en functies speelt de stof een belangrijke rol, zoals in de botten en het afweersysteem.