Meer grond geeft koeien de ruimte

1
2770

Voor melkveehouders komt er geen systeem van dierrechten waarmee een maximum wordt gesteld aan het aantal koeien.

Koeien in de wei

Groei blijft mogelijk, maar daarbij geldt als voorwaarde dat het bedrijf voldoende grond heeft om de extra mest die dat oplevert uit te rijden.

Het bevorderen van deze zogenoemde grondgebondenheid in de melkveehouderij stimuleert eveneens de mogelijkheden voor meer koeien in de wei. Een alternatief is dat extra mestproductie wordt verwerkt. Het systeem van rechten voor veehouders om een maximaal aantal varkens en pluimvee te houden, blijft voorlopig bestaan.

Dat schrijft staatssecretaris Dijksma van Economische Zaken mede namens staatssecretaris Mansveld van Infrastructuur en Milieu in een brief aan de Tweede en de Eerste Kamer als reactie op een rapport van het PBL (Planbureau voor de Leefomgeving).

Dijksma: “Onze agrarische sector is top in de wereld. Daar hoort ook bij dat we aan het milieu blijven denken door het overschot aan mest aan te pakken met bijvoorbeeld voldoende grond bij groei. Daarbij zijn voor mij koeien in de wei een onlosmakelijk met Nederland verbonden cultuurerfgoed. Het is goed dat de sector daar zelf ook actief op inspeelt.”

“Versterken van de grondgebondenheid in de melkveehouderij is de toekomst van de sector”, aldus Mansveld. “We bereiken daarmee dat natuur, milieu en economie op bedrijfsniveau in balans zijn.”

Mestverwerkingsplicht
Naar verwachting treedt op 1 januari 2014 een wijziging van de meststoffenwet in werking, waarmee aan veehouders met een mestoverschot de plicht wordt opgelegd deze te verwerken. Het gebruik van veel mest is schadelijk voor het milieu. Om aan deze plicht te kunnen voldoen, is meer mestverwerkingscapaciteit nodig. Het PBL heeft samen met Wageningen-UR gekeken naar de ontwikkeling van de mestverwerkingscapaciteit, effecten op de mestmarkt en overige milieudoelen. Het rapport van het PBL laat zien dat de mestverwerkingsplicht een belangrijke bijdrage kan leveren aan het halen van de milieudoelen. Maar er is onvoldoende zekerheid dat op tijd genoeg mest kan worden verwerkt om het mestoverschot tot nul terug te brengen. Om die reden zijn aanvullende waarborgen nodig.

Infographic, Mestoverschot

Varkens en pluimvee
De extra waarborg bij varkens en pluimvee is het voorlopig handhaven van het bestaande systeem van rechten voor veehouders om deze dieren te houden. Uit het PBL-rapport komt naar voren dat voor deze sectoren geen groei wordt verwacht. Met het handhaven van de dierrechten wordt zeker gesteld dat de totale omvang van de varkens- en pluimveestapel gelijk blijft. Individuele bedrijven kunnen wel groeien door het kopen van dierrechten. In 2016 zal worden bekeken of de dierrechten voor varkens en/of pluimvee met ingang van 2018 kunnen komen te vervallen.

Koeien in de wei
Voor melkvee is er een Europees stelsel van melkquota, dat op 1 april 2015 onherroepelijk ophoudt te bestaan. Het vervallen van die melkquota biedt de sector kansen voor economische groei. Het invoeren van een systeem van rechten voor melkveehouders om koeien te houden, zou de sector op achterstand zetten in de concurrentie met boeren in andere landen. Maar de groei van het aantal koeien mag niet leiden tot vergroting van het mestoverschot. Daarom wordt groei van melkveehouderijen alleen toegestaan als er voldoende grond is om de extra mest te kunnen plaatsen. Een alternatief is dat de hele extra mestproductie wordt verwerkt. De grondgebondenheid – genoeg grond om de mest op kwijt te kunnen – past ook in de ambitie van de zuivelketen om de weidegang te stimuleren. Grondgebondenheid beperkt ook het aantal vervoersbewegingen, wat goed is voor het milieu.

Mest is kans
Op dit moment is het mestoverschot in Nederland een probleem. Maar in andere delen van Europa en de wereld is er juist een tekort aan meststoffen. De verwachting is dat de vraag naar meststoffen de komende jaren zal stijgen. Daar ligt een kans voor Nederlandse ondernemers als zij in staat zijn de mest een waarde te geven. Daarvoor zijn innovatieve oplossingen nodig. Voor financiering van innovaties op het gebied van mestverwerking stelt staatssecretaris Dijksma extra middelen beschikbaar.

1 REACTIE

  1. Oplossingen voor de problemen uit de gangbare veeteelt? Al eerder is gezegd dat de kosten voor deze problemen niet in de prijs zijn inbegrepen. Het voedsel uit deze vorm van landbouw is dus goedkoop. Toch zijn er steeds meer consumenten die kritisch zijn ten opzichte van de huidige manier van landbouwproduktie. Vooral ten opzichte van vlees heeft de klant tegenwoordig zijn bedenkingen. Dit komt vooral door de dieronvriendelijke manier van produceren, het overmatige gebruik van antibiotica, het optreden van BSE. De consument maakt zich meer zorgen over zijn gezondheid. Hierdoor is de vraag ontstaan naar milieu- en diervriendelijker produkten. Daar speelt de gangbare veeteelt dan ook op in. Echter niet alles wat “groen” genoemd wordt is daarmee ook welzijnsvriendelijk. Ook omgekeerd niet: doordat scharreldieren buiten kunnen scharrelen is de emissie van meststoffen groter. Om redenen van milieubelasting zou een reductie van de veestapel ook bij omschakeling van intensieve veehouderij naar biologische veeteelt een goede zaak zijn.