Meer dan 1 miljoen ADHD-voorschriften

0
750

Het gebruik van geneesmiddelen bij ADHD overstijgt in 2011 de 1 miljoen voorschriften. Het zijn hoofdzakelijk jonge tieners van 10 tot 12 jaar die deze middelen gebruiken. Van de € 42,5 miljoen omzet komt 60% in beginsel voor rekening van de patiënt.

Recentelijk meldde de staatssecretaris van VWS dat de overheid wil dat kinderen minder medicijnen slikken tegen aandoeningen als ADHD en PDD–NOS. Hoewel ze van mening is dat kinderen niet ten onrechte de diagnose ADHD krijgen en niet ten onrechte behandeld worden met geneesmiddelen, vindt ze wel dat deze jongeren sneller dan nodig specialistische hulp of medicijnen krijgen. Het meest ingezette geneesmiddel bij ADHD is methylfenidaat (Ritalin, Concerta, Medikinet en Equasym), op afstand gevolgd door atomoxetine (Strattera). Ook bij PDD–NOS, een term die wordt gebruikt voor kinderen met kenmerken van autisme, maar niet genoeg kenmerken om ze de diagnose autisme te geven, kunnen ADHD–middelen worden voorgeschreven om de aandacht en concentratie te verbeteren. Het door de staatssecretaris geuite standpunt aangaande de medicalisering van kinderen met gedrags– en concentratieproblemen kan worden gezien als een proefballon over dit onderwerp.

Aantal gebruikers van methylfenidaat en atomoxetine in de periode 2006–2011 (eerste 6 maanden van ieder jaar). Het gebruik van ADHD–middelen stijgt al jaren, waarbij de groep tieners de grootste groei laat zien.

Stijgend gebruik
In 2011 zullen de openbare apotheken naar verwachting zo’n 1,1 miljoen keer een geneesmiddel verstrekken dat wordt toegepast bij ADHD. Ten opzichte van eerdere jaren zet de sterke groei in het gebruik van deze middelen hiermee door. Sinds enkele jaren stijgt het aantal verstrekkingen van deze geneesmiddelen bovengemiddeld met zo’n 10 tot 12% per jaar. Methylfenidaat zal in 2011 1,07 keer worden afgeleverd, 10% meer dan in 2010. De toename in het gebruik van methylfenidaat zit zowel bij de varianten zonder gereguleerde afgifte (Ritalin) als bij de varianten met gereguleerde afgifte (Concerta, Medikinet, Equasym). Het grote voordeel van de tabletten en capsules met gereguleerde afgiste is dat met een eenmaaldaagse dosis kan worden volstaan, in tegenstelling tot de gewone tablet van methylfenidaat die tot 4 keer per dag moet worden ingenomen. Atomoxetine zal dit jaar 47.500 keer worden verstrekt, een afname van 5%. In de eerste helft van dit jaar gebruiken 145.000 personen methylfenidaat en 5.600 personen atomoxetine.

Kinderen
Van alle verstrekkingen aan ADHD–middelen is het merendeel bestemd voor jongeren tot 20 jaar. Tweederde van de gebruikers van methylfenidaat valt in deze leeftijdscategorie; bij atomoxetine is dit zelfs ruim driekwart. De meeste gebruikers van ADHD–middelen vallen in de leeftijdsgroep 10– tot 12 –jarigen. Behalve dat het gebruik van middelen bij ADHD over alle leeftijden een stijgende lijn laat zien, starten er naar verhouding meer jongeren dan ouderen met deze middelen.

Uit eigen portemonnee
De totale uitgaven aan de ADHD–middelen methylfenidaat en atomoxetine zijn beperkt gestegen van € 40 miljoen in 2010 tot € 42,5 miljoen in 2011. Hiervan werd slechts € 17,8 miljoen vergoed uit de basisverzekering. De rest, € 24,7 miljoen, moest als GVS–bijdrage door de verzekerden zelf worden opgebracht of werd vanuit aanvullende verzekeringen vergoed. Het is de SFK niet bekend in welke mate de bijbetaling vanuit een aanvullende verzekering wordt vergoed. Bijbetaling is van toepassing op alle varianten van methylfenidaat en atomoxetine die bedoeld zijn voor eenmaal daags gebruik. Deze vormen precies de helft van het aantal verstrekkingen van beide middelen. Fabrikanten wijzen de gebruikers van hun producten gedetailleerd op de mogelijkheden die de aanvullende verzekeringen bieden voor de vergoeding van de bijbetalingen van ADHD–middelen.