KNMG over initiatief Uit Vrije Wil: onderzoek naar ouderen met stervenswens moet er komen

0
560

Het burgerinitiatief Uit Vrije Wil heeft de problematiek van ouderen met een stervenswens terecht op de agenda gezet. Voor een afgewogen maatschappelijke discussie over deze problematiek moet wel eerst grondig onderzoek plaatsvinden naar de aard en omvang ervan. Nieuwe wetgeving kan het sluitstuk zijn van zo’n discussie. Tegelijk biedt de euthanasiewet meer ruimte voor ouderen met een stervenswens dan vaak wordt gedacht.

Euthanasie of hulp bij zelfdoding is alleen toegestaan als iemand uitzichtloos en ondraaglijk lijdt. Burgerinitiatief Uit Vrije Wil wil het mogelijk maken dat ook ouderen die hun leven voltooid vinden en een ‘authentieke, consistente en invoelbare’ doodswens hebben, hulp kunnen krijgen om het eigen leven waardig te beëindigen. Het burgerinitiatief heeft hiermee een gevoelige maatschappelijke snaar geraakt, zo blijkt uit de vele steunbetuigingen. Artsenfederatie KNMG bepleit dan ook een grondige en brede analyse van de problematiek van deze groep ouderen. KNMG-voorzitter Arie Nieuwenhuijzen Kruseman: ‘Al eerder bepleitte de KNMG samen met de NVVE en het VU Medisch Centrum om aard en omvang te onderzoeken van de problematiek van ouderen met de wens om te sterven. Want niemand weet om hoeveel mensen het gaat, welke problemen ze hebben en aan welke oplossing ze zelf denken. Aan de basis van de huidige euthanasiewet liggen de onderzoeken van Van der Maas en Van der Wal ten grondslag. Deze gezaghebbende studies hebben enorm bijgedragen aan de zorgvuldigheid rond de praktijk van beslissingen rond het levenseinde.’

Wet biedt al ruimte
Tegelijk benadrukt de KNMG dat de euthanasiewet meer ruimte biedt voor de ouderen met een stervenswens dan vaak wordt gedacht. Kruseman: ‘Een hoogbejaarde vrouw met ernstige ouderdomskwalen, zoals het burgerinitiatief noemt, valt nu al binnen de euthanasiewet. Vaak lijden ouderen aan een opeenhoping van ouderdomskwalen waarbij de afzonderlijke kwalen niet levensbedreigend of fataal zijn. Als deze patiënten hun lijden als ondraaglijk en uitzichtloos beschouwen en een serieuze doodswens hebben, kan de euthanasiewet voor hen ruimte bieden. Daarmee is de invulling van het begrip lijden breder dan de meesten, ook artsen, vaak denken.’ Dit valt ook te lezen in een conceptstandpunt van de KNMG over de rol van de arts bij het zelfgekozen levenseinde.

Uitholling voorkomen
Uit Vrije Wil stelt in haar wetsinitiatief voor dat de stervenswens van mensen van 70 jaar en ouder met een weloverwogen verzoek wordt gehonoreerd. Er hoeft dan dus geen sprake te zijn van ondraaglijk en uitzichtloos lijden, zoals nu wel in de euthanasiewet het geval is. Dit voorstel kent in de ogen van de KNMG als belangrijkste probleem dat het de euthanasiewet zou uithollen. Kruseman: ‘Het is voorspelbaar dat ouderen die willen sterven, maar ook artsen, dan niet de procedure van de euthanasiewet volgen, maar de eenvoudigste weg naar de dood: het alternatief van Uit Vrije Wil. De transparantie en zorgvuldigheid van de huidige euthanasiewet zou daarmee verloren gaan. En wie toetst bij deze mensen of er geen andere mogelijkheden zijn dan de dood? Die verplichting hebben we als maatschappij en daar mag niet lichtvaardig over heen worden gestapt.’