Huisartsen wijzen op te veel medische zorg in Nederland

0
680

Een meerderheid van de Nederlandse huisartsen vindt dat patiënten te veel medische zorg ontvangen. Het gaat hier zowel om eerstelijns- als om tweedelijnszorg. De Nederlandse huisartsen lijken op dit punt op de Duitse. Dit blijkt uit een internationaal vergelijkend zorgonderzoek, dat jaarlijks in vele landen wordt uitgevoerd. Voor de Nederlandse deelname is IQ healthcare van het UMC St Radboud verantwoordelijk.

In de periode tussen maart en juni 2012 ontvingen 1100 huisartsen een uitnodiging voor deelname aan de jaarlijkse International Health Policy Survey. Nederland doet sinds 2006 aan dit onderzoek mee, samen met Duitsland, Frankrijk, Noorwegen, het Verenigd Koninkrijk, Zweden, Zwitserland, de Verenigde Staten, Canada, Australië en Nieuw-Zeeland. Een representatieve steekproef van ruim zes procent van de Nederlandse huisartsen (522) vulde de vragenlijst in.

Uit de resultaten blijkt dat meer dan de helft (54 procent) van de Nederlandse huisartsen vindt dat het zorgsysteem goed functioneert en hoogstens kleine wijzigingen nodig heeft. Vier op de tien huisartsen vinden bovendien dat de kwaliteit van de medische zorg is verbeterd in de afgelopen drie jaar. Over het eigen beroep zijn de meeste Nederlandse huisartsen (88 procent) tevreden, over het inkomen is 80 procent tevreden.

Rondom wachtlijstproblematiek ervaren de Nederlandse huisartsen een dalende trend over de periode 2006-2012. Het percentage huisartsen dat verwacht dat patiënten problemen hebben met wachtlijsten voor een medisch specialist, diagnostiek en behandeling is in deze periode gehalveerd.

Opmerkelijk is dat een meerderheid van de Nederlandse huisartsen (57 procent) vindt dat patiënten te veel medische zorg ontvangen. Het gaat zowel om eerstelijns- als om tweedelijnszorg. Hierin lijkt Nederland op Duitsland, waar 59 procent van de huisartsen vindt dat het wel een beetje minder kan. In Nieuw-Zeeland vindt 39 procent van de huisartsen dat patiënten juist te weinig zorg krijgen. Ook in het Verenigd Koninkrijk en Zweden wordt er in de ogen van de dokters eerder te weinig dan te veel zorg geleverd.

Overige resultaten laten zien dat huisartsen mogelijkheden laten liggen om de Nederlandse zorg betaalbaarder te maken. Zo zouden ze zelfmanagement meer kunnen stimuleren en vaker een goed geïnformeerd ‘nee’ aan hun patiënten kunnen adviseren. Ook de informatie van de specialisten richting huisartsen zou beter kunnen.