Hartpatiënten beter af met speciale poli

0
924

Patiënten die lijden aan de hartritmestoornis boezemfibrilleren, zijn beter af in een poli die daar speciaal voor is opgezet. Dat blijkt uit onderzoek van het Academisch Medisch Centrum Maastricht waar cardioloog Robert Tieleman van het Martini Ziekenhuis aan mee heeft gewerkt. Met de zogenoemde boezemfibrillerenpoli kunnen volgens Tieleman ‘honderden sterfgevallen en duizenden ziekenhuisopnames worden voorkomen.’

Het Martini Ziekenhuis beschikt al ruim drie jaar over een poli voor hartritmestoornissen. ‘Dankzij een goede checklist, een betere samenwerking en bundeling van kennis is de behandeling beter. Speciaal opgeleide verpleegkundigen screenen, behandelen en begeleiden de patiënten onder supervisie van een cardioloog. ‘De speciaal hiervoor ontwikkelde software bewaakt dat we geen stappen overslaan. Alles bij elkaar kunnen we op deze manier een nog beter behandelplan voor de patiënt opstellen. Bovendien worden de patiënten optimaal begeleid bij het aanleren van een gezondere leefstijl’, zegt cardioloog Tieleman.

Trombose en beroerte
Bij 200.000 Nederlanders is boezemfibrilleren vastgesteld. Het is de meest voorkomende hartritmestoornis. ‘Op zich is het geen ernstige hartkwaal, maar de gevolgen kunnen op lange termijn wel degelijk ernstig zijn. Trombose en beroerte liggen op de loer’, waarschuwt Tieleman. De behandeling in de speciale poli is gericht op het verminderen van deze risico’s.

De resultaten van het onderzoek bewijzen het succes. Na bijna 2 jaar bleken de resultaten van de patiënten die waren behandeld fors beter dan van de controlegroep. Er kwamen minder patiënten te overlijden (slechts 1,1% tegen 3,9% in de controlegroep) en er waren minder ziekenhuisopnames (13,5% tegen 19,1% in de controlegroep).

Duizenden ziekenhuisopnames voorkomen
‘Wanneer deze resultaten representatief zijn voor heel Nederland, betekent dit dat vele duizenden ziekenhuisopnames en honderden, misschien zelfs duizenden doden door de gevolgen van boezemfibrilleren voorkomen kunnen worden’, zegt Tieleman. Een van de onderscheidende aspecten van de behandeling is het voorschrijven van antistolling. ‘Op de Boezemfibrillerenpoli blijkt dat deze beter wordt voorgeschreven dan op een gewone cardiologische poli. Daarnaast kan het zijn dat de therapietrouw van de patiënten beter was dan in de reguliere groep, omdat zij meer uitleg kregen en intensiever waren voorgelicht en begeleid door de gespecialiseerd verpleegkundige.’