Griepepidemie tot nu toe mild

0
666

Begin maart blijkt Nederland toch in de greep van een griepepidemie. Meer dan 78 op de 100.000 inwoners gingen met griepachtige klachten naar de huisarts. Vooralsnog is sprake van een milde epidemie. De meeste mensen knappen na 3-5 dagen weer op.

Heb je snel stijgende koorts, hoofdpijn, fikse keelpijn, hoesten, spierpijn, dan is de kans groot dat het griepvirus je te pakken heeft. Ook misselijkheid en diarree kunnen erbij horen. Een enkele keer kan griep zelfs leiden tot een longontsteking. Half februari zat de griep al tegen de ondergrens van een epidemie, begin maart kwamen 78 op de 100.000 inwoners met griepachtige klachten bij de huisarts. In meer dan 30% van de afgenomen neus- en keelmonsters is griepvirus gevonden. Vooral jonge kinderen (0-4 jaar) en ouderen (65+) hebben last van griep.

Laat en mild
Het NIVEL spreekt van een epidemie wanneer de huisartsen van de Continue Morbiditeitsregistratie (CMR) Peilstations twee weken achter elkaar meer dan 51 op de 100.000 mensen met griepachtige klachten rapporteren en virologisch onderzoek het virus aantoont in neus- en keelmonsters. NIVEL-projectleider, epidemioloog en huisarts Gé Donker: “Het is in het verleden vaker voorgekomen dat griepepidemieën na het winterseizoen begonnen. In 2003 en 1995 begon de epidemie ook in maart.

Ook in de rest van Europa diende de epidemie zich nu laat aan, in de zuidelijke Europese landen het eerst. In de meeste Europese landen gaat het om een milde epidemie, waarbij overigens verschillende griepvirussen de klachten kunnen veroorzaken, influenzavirus A(H1N1), A(H3N2) en influenzavirus B, maar ook wordt er nog respiratoir syncytieel virus (RS) gevonden in neus- en keelmonsters. Als de koorts langer aanhoudt dan drie, vier dagen en je krijgt last van benauwdheid, is het verstandig contact op te nemen met de huisarts.”

CMR
De Continue Morbiditeits Registratie (CMR) Peilstations van het NIVEL vormen een representatieve groep van 59 Nederlandse huisartsen in 42 praktijken. Hun patiëntenpopulatie bestrijkt ongeveer 0,8% van de Nederlandse bevolking en is representatief naar regio en naar verdeling over stad en platteland. De peilstation-huisartsen rapporteren wekelijks (waardoor trends zeer snel zichtbaar worden) of op jaarbasis over het vóórkomen van een aantal ziekten, gebeurtenissen en verrichtingen die in routine-registraties ontbreken en daarin niet gemakkelijk zijn op te nemen. De CMR-peilstations bestaan sinds 1970. De meeste registraties lopen over meerdere jaren.