Gehoorschade door virusinfectie bij ongeboren kinderen

0
747

Bijna een kwart van alle Nederlandse kinderen die doof of zeer slechthorend zijn, heeft die handicap opgelopen door een virusinfectie in de baarmoeder. Dat ontdekten onderzoekers van het Leids Universitair Medisch Centrum. Ook bleken artsen onvoldoende kennis te hebben over dit cytomegalovirus (CMV). Ze waarschuwen zwangere vrouwen niet en die doen daardoor te weinig aan preventie. Met eenvoudige hygiënemaatregelen zouden veel gehoorproblemen bij kinderen voorkomen kunnen worden.

Onopgemerkt
Een CMV-infectie is voor gezonde volwassenen ongevaarlijk en verloopt meestal onopgemerkt. Ongeveer de helft van de Nederlanders heeft zo’n infectie ooit gehad Ongeboren kinderen die via hun moeder besmet raken, kunnen wél ernstige problemen krijgen, zoals een klein hoofd, leverfunctiestoornissen, en problemen met gehoor, gezichtsvermogen en/of geestelijke ontwikkeling. Van de grote groep pasgeborenen met een CMV-infectie die bij de geboorte gezond lijken, krijgt ruim 15 procent later alsnog gehoorproblemen. Bij deze kinderen wordt de slechthorendheid meestal pas ontdekt als de spraakontwikkeling achterblijft. Ouders denken niet snel aan slechthorendheid, omdat hun kind op de gehoortest vlak na de geboorte immers normaal scoorde.

Handen wassen
Zwangere vrouwen kunnen met goede hygiëne voorkomen dat ze het virus (opnieuw) oplopen. De virusdeeltjes zitten vooral in urine en speeksel. Omdat het virus veel heerst onder kinderen, zouden zwangeren hun handen goed moeten wassen als ze een luier hebben verschoond. Ook moeten ze bijvoorbeeld geen lepeltje delen met hun kind.

Hielprik
Het is technisch goed mogelijk om CMV-besmetting bij pasgeborenen aan te tonen via de hielprik, maar dat gebeurt op dit moment niet. Was dat wel zo, dan zouden in Nederland jaarlijks 800 kinderen met kans op latere gehoorschade wellicht behandeld kunnen worden met antivirale middelen. De onderzoekers willen gaan onderzoeken of toevoegen van een CMV-test aan de hielprik, gevolgd door behandeling en opsporen van gehoorverlies, zinvol is.

DECIBEL-studie
Aan de DECIBEL-studie, waaruit deze resultaten zijn voortgekomen, werken verschillende afdelingen van het LUMC mee: Kindergeneeskunde (prof. dr. Anne Marie Oudesluys-Murphy, Marleen Korver), Medische Microbiologie (dr. Ann Vossen, Jutte de Vries), KNO (prof. dr. ir. Johan Frijns, dr. Capi Wever) en Klinische Epidemiologie (dr. Friedo Dekker). Zij publiceerden drie artikelen over het cytomegalovirus in een speciaal themanummer van het Journal of Clinical Virology. Op 16 november zal Cicero, een uitgave van het LUMC, uitgebreid aandacht besteden aan de onderzoeksresultaten. Achtergrondinformatie over de Decibel-studie vindt u op de LUMC-website > Organisatie A-Z > Decibel studie