Gebruiksvriendelijk trombosemedicijn geeft minder bloedingen

0
1251

Het nieuwe-generatie antistollingsmiddel Edoxaban is even effectief als de conventionele medicijnen. Maar het veroorzaakt minder bloedingen en vooral ook: minder bloedingen van ernstige aard. Dat blijkt uit een omvangrijk internationaal onderzoek, de zogeheten Hokusai-VTE-studie, bekostigd door producent Daiichi-Sankyo. De resultaten verschijnen in de online editie van The New England Journal of Medicine.

Bij de Hokusai-VTE-studie, uitgevoerd door een internationaal gezelschap van onderzoekers onder leiding van AMC-internist prof. dr. Harry Büller, waren ruim achtduizend patiënten in 37 landen betrokken. Na enkele dagen heparine kregen die óf Edoxaban óf de conventionele bloedverdunners, die werken door de activiteit van vitamine K te blokkeren. Als antistollers blijken beide medicijnen het even goed te doen. Maar Edoxaban veroorzaakt zowel minder bloedingen (8,5 procent tegen 10,3 procent voor de oude bloedverdunners) als een kleiner percentage ernstige bloedingen (1,4 procent tegen 1,6 procent).

Edoxaban is daarmee de vierde ‘Noac’ in amper tweeëneenhalf jaar die uit de pijplijn rolt. Noac staat voor ‘nieuwe orale anticoagulantia’, een generatie antistollingspillen die veel op de gebruikelijke pillen voor heeft. Tot nu toe kregen patiënten met trombose of longembolie eerst een aantal dagen injecties met laagmoleculair heparine. Gedurende langere tijd slikken ze daarnaast dagelijks bloedverdunnende vitamine K-antagonisten.

“Heel effectief, maar aan die conventionele behandeling zitten twee nadelen”, aldus Harry Büller. “Patiënten moeten zelf langere tijd heparine prikken en de dosis vitamine K-anagonisten moet geregeld gecontroleerd worden, omdat de hoeveelheid antistolling in het bloed anders gevaarlijk op en neer kan gaan. Daar hebben we de trombosediensten voor.”

Noacs kennen die nadelen niet. Heparine-injecties zijn daarbij maar enkele dagen geboden, de patiënt kan volstaan met één dagelijkse pil en periodieke controles zijn niet meer nodig. Büller: “Voor mensen die nog actief in het leven staan is dat een uitkomst. Bovendien veroorzaken Noacs aanzienlijk minder bloedingen, in het bijzonder hersen- en buikbloedingen.”

Toch leidde de komst van de nieuwe medicijnen tot onrust. Naar aanleiding van een meta-analyse berichtte de Volkskrant dat Noacs 45 procent meer kans op maagbloedingen zouden geven. Kamervragen daarover van de SP werden eerder deze week gepareerd door minister Schippers. Ook Saskia Middeldorp, AMC-hoogleraar Inwendige Geneeskunde en Hokusai-onderzoeker, noemt de ophef onterecht. “Maagdarmbloedingen komen zo weinig voor dat zelfs 45 procent méér in absolute aantallen niet onrustbarend is. Zeker niet in het licht van de verminderde kans op ernstige bloedingen.”

Duurder dan de oude middelen zijn Noacs wel, maar daar staat volgens Büller veel tegenover. “De trombosedienst wordt grotendeels overbodig. Daar komt bij: minder hersenbloedingen betekent minder mensen in ziekenhuizen en verpleeghuizen.”

Dat Noacs tot dusverre uitsluitend vergoed worden voor boezemfibrilleren, noemen beide onderzoekers daarom ‘onbegrijpelijk’. Middeldorp “De resultaten bij trombose en longembolie zijn zeker zo goed! We doen patiënten ernstig tekort als we ze de keuze tussen de oude en de nieuwe middelen onthouden.”