Einde aan chronische pijn

Patiënten met voortdurende pijnklachten en hevige angst voor die pijn zijn goed te behandelen door ze herhaaldelijk bloot te stellen aan ‘enge’ situaties. Dat stelt NWO-onderzoeker Jeroen de Jong. Ondermeer patiënten met posttraumatische dystrofie, een aandoening waarbij alle weefsels en functies van ledematen kunnen worden aangetast, zijn gebaat bij zo’n zogeheten ‘exposure in vivo’-behandeling. De Jong promoveert op 25 november aan de Universiteit Maastricht.

Bij exposure in vivo moeten patiënten herhaaldelijk activiteiten uitvoeren en bewegingen maken die zij als bedreigend ervaren en juist vermijden. In verschillende studies ontdekte Jeroen de Jong dat patiënten die een dergelijke behandeling ondergaan niet alleen minder bang zijn voor pijn, maar ook echt minder pijn voelen. Meest opvallend is echter dat de fysiologische symptomen van posttraumatische dystrofie – oedeem, veranderde lichaamskleur, overmatige zweetafscheiding – significant minder werden. Daarnaast konden de patiënten bewegingen maken en dingen doen waarvan zij voorheen dachten dat deze onmogelijk zouden zijn.

Naar schatting lijden in Nederland 20.000 mensen aan chronische posttraumatische dystrofie. Bij deze aandoening veroorzaakt een relatief onschuldige verwonding slepende pijn in het getroffen ledemaat en kan de patiënt uiteindelijk zelfs het gebruik van arm of been verliezen.

Veel patiënten met chronische pijn zijn erg bang om meer pijn te veroorzaken en daardoor om bepaalde bewegingen te maken die zij ooit met die pijn geassocieerd hebben. Mensen die last hebben van posttraumatische dystrofie gaan bijvoorbeeld hun hand niet meer gebruiken. Bij een exposure in vivo-behandeling leren proefpersonen dat ze deze kunnen uitvoeren zonder schadelijke gevolgen. Jeroen de Jong liet ook patiënten met chronische lage rugpijn en posttraumatische nekpijn exposure in vivo-behandeling ondergaan. Alle groepen bleken veel baat te hebben bij deze vorm van therapie.

Het nut van exposure in vivo-behandeling was al eerder aangetoond bij patiënten met chronische lage rugpijn, maar De Jong laat nu voor het eerst zien dat deze behandeling ook het leven van veel andere pijnpatiënten drastisch kan veranderen. De resultaten van de studies in zijn proefschrift hebben een grote impact op het diagnosticeren, benaderen en behandelen van chronische pijn.

Het onderzoek van Jeroen de Jong maakt deel uit van het Vici-project van psycholoog Johan Vlaeyen. De Vici-subsidie van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek is bestemd voor ervaren senioronderzoekers die hebben aangetoond met succes een eigen vernieuwende onderzoekslijn tot ontwikkeling te kunnen brengen en als coach voor jonge onderzoekers te kunnen fungeren.

Over NWO
De Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) is dé nationale wetenschapsfinancier en heeft tot taak het wetenschappelijke onderzoek in Nederland te laten excelleren via nationale competitie. Jaarlijks geeft NWO ruim 700 miljoen euro uit aan subsidies voor toponderzoek en toponderzoekers, vernieuwende instrumenten en apparatuur, en aan instituten waar toponderzoek wordt bedreven. NWO financiert het onderzoek van ruim 5300 getalenteerde wetenschappers aan universiteiten en instellingen. Selectie door middel van peer review is in handen van onafhankelijke deskundigen. NWO bevordert de overdracht van kennis naar de maatschappij.

Plaats een reactie