Duizendste vijfjarige Amsterdammer geeft vingerprik voor gezondheidsstudie

0
814

Voor de duizendste keer doet op vrijdag 14 augustus een jonge Amsterdammer mee aan verschillende gezondheidstestjes in het kader van de ABCD-studie. Deze studie – voluit Amsterdam Born Children and their Development – is een langlopend onderzoek naar de gezondheid van Amsterdamse kinderen.

Wetenschappers van de GGD, VUmc en het AMC volgen de kinderen al van vóór hun geboorte. Inmiddels zijn ze vijf jaar oud. Doel van de ABCD-studie is om te onderzoeken in welke mate de gezondheid van kinderen wordt beïnvloed door leefgewoonten en omstandigheden tijdens en na de zwangerschap. Daarvoor vulden zo’n vijf jaar geleden ruim 8000 zwangere vrouwen een vragenlijst in. Ook stonden zij bloed af. In de loop van de jaren ontvingen de moeders een aantal vragenlijsten om de gezondheid, groei en ontwikkeling van hun kroost te achterhalen. Bij de vijfjarigen van nu verrichten de onderzoekers verschillende metingen: ze kijken naar lengte, gewicht en bloeddruk en meten het gehalte cholesterol en suiker in het bloed na een vingerprikje.

Ook krijgen de kinderen een aantal taken om het denkvermogen te testen. De eerste 999 kleuters zijn inmiddels op hun basisschool bezocht door onderzoeksmedewerkers, of getest op een GGD – locatie in hun buurt. ‘Uiteindelijk hopen we dat na het duizendste kind van aanstaande vrijdag nog zeker 3000 andere kinderen aan het onderzoek zullen deelnemen,’ zegt Tanja Vrijkotte, van de afdeling Sociale Geneeskunde van het AMC en één van de onderzoeksleiders van de ABCD-studie.

Met de gegevens van de ABCD-studie – die voortduurt tot de kinderen de volwassen leeftijd hebben bereikt – hopen de onderzoekers meer zicht te krijgen op de oorsprong van belangrijke gezondheidsproblemen zoals overgewicht, suikerziekte en hart- en vaatziekten. Die oorsprong ligt namelijk vaak al in de zwangerschap en eerste levensjaren. De wetenschappers richten zich onder meer op de rol van stress tijdens de zwangerschap, het effect van overgewicht van de moeder en op de invloed van bepaalde vetzuren en vitamines in de voeding van de zwangere. Speciale aandacht gaat uit naar de verschillen in de gezondheid tussen kinderen van diverse etnische afkomst. Uiteindelijk moeten de resultaten leiden tot betere voorlichting voor (aanstaande) ouders, zodat ieder kind de best mogelijke start kan krijgen.