Diversiteit in vergoedingssystemen voor geneesmiddelen

0
565

“Op dit moment worden sommige geneesmiddelen voor een grote groep mensen vergoed en dus voorgeschreven, terwijl ze niet eens voor iedereen effectief zijn. Als je die effectiviteit kunt differentiëren, door bijvoorbeeld te kijken naar de ernst van de ziekte of bepaalde risicofactoren, krijgt alleen de doelgroep voor wie het ook effectief is dat medicijn vergoed. Voor de anderen kan het uit het pakket worden gehaald, wat de premie kan verlagen. Op die manier kun je veel ‘lucht’ uit het huidige verzekeringspakket halen.”Aan het woord is Janneke Grutters, post-doconderzoeker aan de Universiteit Maastricht. De komende twee jaar doet ze onderzoek naar de manier waarop je diversiteit binnen patiëntenpopulaties op een uniforme manier in kaart kunt brengen, met het doel deze ook in vergoedingsbeleid mee te kunnen wegen.

Rendement
Bij de evaluatie van nieuwe technologieën in de gezondheidszorg (Health Technology Assessments, HTA) speelt de economische evaluatie een grote rol. Dat is tegelijkertijd een lastige meeteenheid, omdat de resultaten per behandeling of medicijn verschillen. Hoe vergelijk je het rendement van een medicijn tegen kanker met een medicijn tegen aderverkalking? “Je hebt maar één budget voor de gezondheidszorg en dat moet je als overheid zo goed mogelijk verdelen. Dat betekent eigenlijk dat je appels met peren moet vergelijken.” Maar ook binnen een bepaalde aandoening worden momenteel appels met peren vergeleken. In haar onderzoek draait het er juist om dat niet te doen. De ene patiënt is de andere niet, net zoals een appel geen peer is. Haar theorie is dat als er bij de vergoedingsbeslissingen al rekening gehouden kan worden met deze ‘heterogeniteit’, het de gezondheidszorg zelf kosteneffectiever kan maken.

Hot
Behalve dat het onnodig is om alle medicijnen voor iedereen te vergoeden, is het op termijn ook onbetaalbaar. Aandacht voor heterogeniteit in patiëntenpopulaties is ‘hot’ in de tegenwoordige geneeskunde, maar is voor beleidsmakers zoals bij het College Voor Zorgverzekeringen vaak een ver-van-het-bed-show. Grutters gaat dan ook veel moeite doen om beleidsmakers te betrekken bij haar onderzoek, al is het maar met het oog op het bewustwordingsproces. “Als je gaat inzetten op heterogeniteit hangen daar consequenties aan vast. Stel een medicijn blijkt vooral effectief bij mensen onder de 65 jaar, of alleen bij vrouwen? Trek je die lijn dan door in je vergoedingsbeleid, of doe je dat niet omdat je niet wilt discrimineren?”

Prikkel
Tegelijkertijd hoopt Grutters ook dat meer aandacht voor heterogeniteit geneesmiddelenfabrikanten stimuleert om te onderzoeken voor welke subpopulatie hun medicijn het meest effectief is. “Als uit de HTA blijkt dat een medicijn voor de brede populatie kosteneffectief is, is die prikkel er niet meer. Pas als het niet kosteneffectief is, gaan ze verder op zoek naar een subpopulatie voor wie het wél zin heeft. Op dit moment worden dure geneesmiddelen drie jaar vergoed, waarna het besluit over de definitieve vergoeding wordt genomen. Meer aandacht voor heterogeniteit zou fabrikanten in die drie jaar moeten stimuleren om nader onderzoek te doen naar relevante patiëntkarakteristieken. Dat draagt ook bij aan een beter betaalbare gezondheidszorg.”

Fabrikant Pfizer stimuleert de ontwikkeling van Health Technology Assessments onder meer via een HTAcademy. Nadat Grutters de beurs van vijfduizend euro voor het beste Nederlandse onderzoeksidee won, sleepte ze begin juli ook de Europese beurs van twintigduizend euro in de wacht. “Dat is natuurlijk geweldig. Het is een bevestiging dat ik op de goede weg ben. Het geld is bedoeld voor je persoonlijke ontwikkeling, dus ik heb nu meer mogelijkheden om cursussen te volgen en werkbezoeken af te leggen.” Over twee jaar hoopt ze met de resultaten te komen.

Dr. Janneke Grutters is als post-doc onderzoeker werkzaam aan de School for Public Health and Primary Care (CAPHRI) binnen de Faculty of Health, Medicine and Life Sciences. Contact: j.grutters@beoz.unimaas.nl

Auteur: Femke Kools, Editor Research Magazine Universiteit Maastricht