De nVWA gaat mogelijke gezondheidseffecten van nanosilicadeeltjes onderzoeken

0
795

In levensmiddelen waaraan silica (E551) is toegevoegd blijkt dat tot 33% van dit silica zulke kleine afmetingen heeft dat er sprake is van nanodeeltjes. Over mogelijke gezondheidseffecten van inname van dergelijke deeltjes is nog weinig bekend. Daarom laat het bureau Risicobeoordeling & onderzoeksprogrammering (BuRO) van de nieuwe Voedsel en Waren Autoriteit (nVWA) hiernaar verder onderzoek doen.

Silica in levensmiddelen
Silica (E551), ook kiezelzuur of siliciumdioxide genoemd, wordt gewonnen uit zand. Als antiklontermiddel wordt het fijn verdeeld aan vele droge producten toegevoegd zoals instantmaaltijden, -soepen, sausmixen en koffiemelkpoeder.

Het BuRO heeft RIVM, RIKILT en MiPlaza laten uitzoeken of de toegevoegde silica ook in de vorm van nanodeeltjes voorkomt in levensmiddelen. Daaruit blijkt dat een deel van de silica in levensmiddelen (tot 33%) zulke kleine afmetingen heeft dat er sprake is van nanosilicadeeltjes. Via voedsel zouden mensen daardoor maximaal 124 mg per dag aan silica in nanovorm binnen kunnen krijgen.
EFSA, de Europese autoriteit voor voedselveiligheid, stelde in 2009 vast dat het gebruik van silica tot 1500 mg per dag geen gezondheidsrisico oplevert. EFSA heeft geen aparte risicobeoordeling voor nanosilica uitgevoerd.

Verder onderzoek

Het is nog niet bekend of nanosilicadeeltjes oplossen in de mond of maag, of als intacte nanodeeltjes worden opgenomen door het lichaam en wat de effecten zijn. Als de nanodeeltjes oplossen in de mond of maag dan worden ze geabsorbeerd als opgeloste silica en is de beoordeling van EFSA van toepassing. Als nanosilicadeeltjes intact worden opgenomen, dan is het gewenst na te gaan of silica in die vorm andere effecten heeft dan we tot nu toe weten. Dit zal in vervolgonderzoek in 2011 verder worden nagegaan.

Het bureau Risicobeoordeling & onderzoeksprogrammering van de nVWA oordeelt en adviseert wetenschappelijk onderbouwd over mogelijke bedreigingen van de voedsel- en productveiligheid, diergezondheid en dierenwelzijn. De onafhankelijke uitoefening van deze opdracht is geregeld in de Wet onafhankelijke risicobeoordeling Voedsel en Waren Autoriteit die in 2006 door het parlement is aangenomen. Adviezen in het kader van de wet worden uitgebracht aan de ministers van EL&I en VWS.