Boeren en tuinders voorop met productie duurzame energie

0
783

“De agrarische sector loopt met de productie van duurzame energie in ons land voorop. Er is alle aanleiding om dergelijke investeringen op en rond het agrarisch erf te blijven stimuleren omdat boeren en tuinders alles in huis hebben om deze vooraanstaande positie uit te bouwen.” Dit zegt Eric Douma, dossierhouder Klimaat en Energie van LTO Nederland, naar aanleiding van de woensdag 25 januari 2012 gepresenteerde ‘Energie- en klimaatmonitor Agrosectoren 2011’, die Wageningen UR-LEI en Agentschap NL hebben uitgevoerd.

De monitor is gemaakt in opdracht van het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie (EL&I). Voor de toekomst ziet Douma volop kansen voor de land- en tuinbouw. “Het doel ‘meer duurzame energie’ moet nog scherper in beeld komen bij allerlei ontwikkelingen in de sfeer van vernieuwing, infrastructuur en slimme verbindingen met andere economische sectoren, producenten verbruikers. In vergelijking met Duitsland, waar men al veel verder is, hebben we nog een behoorlijk lange weg te gaan.”

Al ruim de helft van het energieverbruik van de land- en tuinbouwbedrijven zelf (uitgezonderd de glastuinbouw) is afkomstig uit hernieuwbare bronnen. “Juist op het gebied van duurzaamheid hebben we nog veel te bieden. Wel zijn verbeteringen nodig op het gebied van wetgeving, zodat duurzame energie makkelijker zijn weg vindt via het net. Belangrijkste is dat de energienetwerken (gas als electriciteit) daarop worden in gericht en er dus voldoende capaciteit is om te kunnen leveren”, aldus Douma.

De nu gepresenteerde monitor komt voort uit het convenant ‘Schone en Zuinige agrosectoren’, dat de overheid en de agrosector in 2008 hebben gesloten. Naast verduurzaming (energiebesparing, productie duurzame energie) gaat het daarin ook om terugdringing van de emissie van broeikasgassen. De agrarische sector boekt ook op dit terrein succes: de uitstoot van broeikasgassen is ten opzichte van 1990 al met bijna 17 procent teruggebracht. Daarmee is het doel voor 2020 – een terugdringing van 4 tot 6 Megaton – binnen handbereik.