Biologisch gezonder?

Kamerbrief over een advies van de Gezondheidsraad over het project ‘Biologisch gezonder?’. De raad concludeert dat er geen wetenschappelijk aantoonbare verschillen zijn in de voedingskundige kwaliteit.

Onderstaand vindt u – Briefadvies van de Gezondheidsraad ‘Biologisch geteelde levensmiddelen’ – van Minister G. Verburg gericht aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal;

Geachte Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal,

Hierbij bied ik u, mede namens de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), het briefadvies van de Gezondheidsraad ‘Biologisch geteelde levensmiddelen’ aan en mijn reactie hierop.

Op mijn verzoek heeft de Gezondheidsraad een advies geschreven over de vraag hoe onderzoek gedaan zou moeten worden naar het meten van het effect van voedselproducten op de gezondheid. Daarbij heb ik de Gezondheidsraad ook gevraagd hoe eventuele verschillen tussen producten die op verschillende wijze geteeld zijn, te interpreteren.

De aanleiding van mijn vraag was het rapport ‘Biologisch gezonder?’, waaruit bleek dat onderzoekers het niet eens konden worden over de interpretatie van de waargenomen verschillen tussen kippen die gangbaar voer en kippen die biologisch voer hadden gekregen.

De Gezondheidsraad concludeert op basis van het uitgebreide literatuuronderzoek dat er geen wetenschappelijk aantoonbare verschillen zijn in de voedingskundige kwaliteit en de gezondheidseffecten tussen regulier en biologisch geteelde gewassen. Met betrekking tot het effect van producten op de gezondheid stelt de Gezondheidsraad dat dergelijke verschillen niet te interpreteren zijn in de zin van gezondheidswinst. Er zijn namelijk geen biomarkers geïdentificeerd die een wetenschappelijk onderbouwde relatie met gezondheidswinst hebben. Er zijn alleen biomarkers die iets zeggen over risicofactoren, zoals een hoog cholesterolgehalte
in relatie tot hartziekten.

De Gezondheidsraad geeft aan dat er wetenschappelijk gezien geen verschil is tussen ‘bevordering of instandhouding van gezondheid’, ‘preventie van ziekte’ of ‘verlaging van ziekterisico’s’. Hiermee trekt de Gezondheidsraad de conclusie dat voedingsmiddelen vergelijkenderwijs alleen gezonder zijn als ze ziekterisico’s in sterkere mate verminderen.

Voor eventueel vervolgonderzoek naar het meten van effecten van voedselproducten op de gezondheid adviseert de Gezondheidsraad dat dit onderzoek zich met name zou moeten richten op de voedingskundige samenstelling van de producten. Parallel daaraan zou systematisch onderzoek kunnen worden gedaan naar de aanwezigheid van pathogenen en milieucontaminanten in de voedselproducten.

Ik waardeer het advies van de Gezondheidsraad. Het betekent dat met de huidige stand van de wetenschap nog niet mogelijk is om de mate van gezondheid aan te geven. Momenteel wordt er in Nederland onderzoek gedaan naar biomarkers die de ‘gezondheidsstatus’ zouden kunnen weergeven.

Ik zal, samen met mijn collega van VWS, de ontwikkelingen in dit onderzoek nauwgezet volgen en zo nodig extra stimuleren.

DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR ENVOEDSELKWALITEIT,

G. Verburg

Meer informatie
Briefadvies van de Gezondheidsraad ‘Biologisch geteelde levensmiddelen’
Kamerstuk | 19-08-2010

Plaats een reactie