Betere kwaliteitsbewaking mogelijk tijdens hemodialyse

0
616

Door een aantal opties die beschikbaar zijn op hedendaagse dialysemachines ‘aan’ te zetten, kan de kwaliteit tijdens het dialyseren beter bewaakt worden. Karin Moret, dialyse- en researchverpleegkundige bij Máxima Medisch Centrum in Eindhoven / Veldhoven, toont in haar proefschrift de klinische relevantie van deze opties aan. Voorheen kon de kwaliteitsbewaking van dialysebehandelingen alleen achteraf plaatsvinden, en was daarvoor altijd extra bloedafname noodzakelijk.

Uit het promotieonderzoek blijkt ook dat de hoeveelheid natrium in de schone spoelvloeistof (dialysaat) beter per patiënt kan worden aangepast (in plaats van één standaard natriumwaarde te hanteren voor iedereen). Dit levert dialysepatiënten gezondheidsvoordelen op, omdat zij op deze manier tijdens de dialysebehandeling niet méér natrium binnenkrijgen dan strikt noodzakelijk is.

Het promotieonderzoek beslaat twee onderwerpen die, na bijna 50 jaar ervaring met hemodialyse, in de vakliteratuur nog steeds onderwerp van discussie zijn:
– het meten van de effectiviteit van de dialysebehandeling;
– het instellen van de natriumbalans in het dialysaat.
Karin Moret heeft onderzocht of de nieuwe, technische mogelijkheden die dialysemachines inmiddels bieden, een rol kunnen spelen bij de oplossing van beide vraagstukken.

‘Online’ effectiveitsmeting tijdens hemodialyse garandeert goede kwaliteitsbewaking
Uit het onderzoek blijkt dat de dialysemachine ‘online’ dezelfde bloedwaarden kan meten als de waarden die in het laboratorium in afgenomen bloed worden bepaald. Dit is belangrijk, omdat het daarmee mogelijk wordt de effectiviteit van de behandeling al tijdens elke dialysebehandeling goed te bewaken.

“Volgens de Europese richtlijnen moet je elke maand de dialyseadequaatheid meten bij de patiënt, om zo de kwaliteit te kunnen waarborgen. Daarvoor moet zowel vóór als na de dialyse bloed worden afgenomen. Omdat dit slechts éénmaal per maand gebeurt, betekent dit dat eventuele veranderingen in de effectiviteit van de behandeling ook pas na een maand opgemerkt werden”, zegt Moret.

“We zijn nu nog niet zover dat we in de nabije toekomst geen extra bloed meer hoeven af te nemen voor de kwaliteitscontrole. Het belangrijkste voordeel van de ‘online’ metingen voor de patiënt en de verpleegkundige is dat je nu alvast tijdens elke dialysebehandeling kunt checken of er individuele veranderingen zijn, een kwaliteitsverbetering dus. Op deze manier kan je meteen ingrijpen als de dialysekwaliteit achteruit gaat.”

Dialysaat met individuele natriumwaarden wenselijk
Bij patiënten met een zeer sterk verminderde nierwerking (nierinsufficiëntie) is onder andere de zouthuishouding in het lichaam verstoord. Het bloed bevat dan teveel zouten (natrium, kalium, fosfaten). Nierpatiënten moeten daarom een streng zoutarm of zoutloos dieet volgen, om zo de gevolgen van de verstoorde zouthuishouding zoveel mogelijk op te vangen. Een beperkte hoeveelheid natrium in het bloed blijft echter ook voor nierpatiënten nodig. Het schone dialysaat, dat de afvalstoffen van de patiënt via diffusie opneemt, bevat alleen stoffen die de patiënt in het bloed moet behouden, zoals glucose en natrium. De hoeveelheden hiervan zijn standaard (voor iedere patiënt gelijk) en vallen binnen de normaalwaarden. “Doordat de dialysemachine het natriumgehalte van het bloed ‘online’ kan meten, kwamen we erachter dat we soms ten onrechte natrium van het dialysaat naar de patiënt verplaatsten. We stuurden de patiënt dus na het dialyseren ‘zouter’ naar huis dan hij vóór de behandeling bij ons binnenkwam”, zegt Moret.

“De nadelen van een verhoogd natriumgehalte zijn in de vakliteratuur uitgebreid beschreven, zoals bijvoorbeeld meer dorstgevoel en kans op hoge bloeddruk met alle gevolgen van dien. Middels de ‘online’ meting van natrium kun je het natriumgehalte in het dialysaat per dialyse-behandeling individualiseren, zodat je de patiënt nooit meer ten onrechte opvult met natrium.”