Beroepsgeheim niet versoepelen

De KNMG vindt niet dat er soepeler met het medisch beroepsgeheim moet worden omgegaan. “Versoepeling van het beroepsgeheim is onverstandig”, vindt Aart Hendriks, coördinator gezondheidsrecht.

“Het beroepsgeheim is niet alleen ter bescherming van de privacy van de individuele patiënt. Het is bovenal bedoeld om de toegankelijkheid van de zorg te waarborgen. Mensen die bij artsen komen, moeten erop kunnen rekenen dat hetgeen zij met de arts bespreken vertrouwelijk blijft.”
Wetgeving

GGZ Rijnstreek verstrekte het dossier van Tristan van der Vlis niet aan justitie. “Dat is geen kwestie van niet willen, maar van niet mogen. Anders zouden de behandelaars tuchtrechtelijke stappen kunnen verwachten.” Er zijn nu enkele uitzonderingen waarbij artsen van hun zwijgplicht mogen afwijken. “Wat ons betreft hoeven er geen nieuwe uitzonderingen bij.”

Uitzonderingen
Een uitzondering is dat een hulpverlener in gewetensconflict komt, bijvoorbeeld wanneer een patiënt aangeeft iemand te willen doden of indien een andere vorm van ernstige schade dreigt. “Dan bestaat er ook zorgplicht jegens het potentiële slachtoffer. In de zaak van Tristan was de schade al aangericht.”

De tweede uitzondering betreft wanneer de informatie essentieel is voor de waarheidsvinding. De rechter beslist dan of sprake is van zodanig ‘zeer uitzonderlijke omstandigheden’ dat het beroepsgeheim moet wijken.

Omringende landen
Nederland loopt in de pas met andere landen in Europa. “Europese rechters benadrukken keer op keer het belang van het beroepsgeheim. En dat is maar goed ook.” Als de regels versoepeld zouden worden, zou Nederland volgens hem in strijd met de internationale verplichtingen handelen.
Zie ook:

Dossier: Beroepsgeheim

Plaats een reactie