Amsterdams luchtkwaliteitsbeleid scoort matig in Europese vergelijking

0
606

Het European Environmental Bureau (EEB) vergeleek het luchtkwaliteitsbeleid van Europese steden met elkaar. Berlijn, Stockholm en Kopenhagen bleken het meest effectieve beleid te voeren om de emissies van fijnstof en stikstofdioxide terug te dringen. Rome, Milaan en Düsseldorf scoren het slechtst. Amsterdam, de enige Nederlandse stad in de vergelijking, scoorde nog net een voldoende en eindigde in de middenmoot.

De ranking vergelijkt steden op de genomen maatregelen, zoals het invoeren van Milieuzones, het stimuleren van openbaar vervoer en gebruik van de fiets en het promoten van elektrisch vervoer. Amsterdam scoort punten met het grote aandeel fietsers in het verkeer, maar blijft achter met de Milieuzone. In tegenstelling tot veel andere Europese steden vallen hier alleen vrachtwagens onder de regels voor Milieuzones, waardoor de Milieuzone maar voor een klein deel van het verkeer geldt. Ook worden erg veel uitzonderingen gemaakt en ontheffingen verleend, waardoor de zone minder effectief is. Verder blijft Amsterdam flink achter bij de eisen die gesteld worden aan bouwmachines zoals aggregaten, bemalingspompen en hei- en graafmachines. Aan deze categorie machines wordt vrijwel geen eisen gesteld en hier valt dan ook veel te winnen.

Ivo Stumpe van Milieudefensie: “Deze ranking is bedoeld om te zien wat werkt in het luchtkwaliteitbeleid, zodat steden van elkaar leren. Amsterdam zou zijn Milieuzone ook voor bestelbusjes moeten laten gelden. Daarnaast moet de overheid eindelijk emissie terugdringen van bouwmachines. Amsterdam scoort niet heel slecht in de vergelijking, maar het kan stukken beter.”

Volgens het EEB is luchtverontreiniging de oorzaak van een half miljoen vroegtijdige sterfgevallen in de Europese Unie. Vooral in grote steden is de luchtkwaliteit slecht.