Amazone bakermat van reislustige tropische ziekteverwekker

Ruim tien jaar geleden dook de tropische ziekteverwekker Cryptococcus gattii uit het niets op in het gematigde klimaat van Vancouver Island. De gist maakt mensen met een normaal functionerend immuunsysteem doodziek; de Canadese uitbraak telde honderden slachtoffers.

Onderzoekers van het Centraalbureau voor Schimmelcultures (KNAW) hebben de reis van de tropische ziekteverwekker, die niet alleen in Noord-Amerika maar ook in Australië en in het Middellandse Zeegebied is opgedoken, nu in kaart gebracht.

Een van de belangrijkste bevindingen van de Utrechtse onderzoekers is dat niet de ziekteverwekker, maar de omgeving veranderd is waardoor de exoot nu ook buiten het tropische Zuid-Amerika goed gedijt.

Aan het onderzoek werkten wetenschappers uit allerlei gebieden mee, van microbiologen en genetici tot wiskundigen. Zij toonden aan dat de herkomst van de gist in het amazonegebied ligt en dat de gisten die voor zijn gekomen bij de verschillende uitbraken overal ter wereld, niet erg uiteenlopen.

Zo zijn de stammen die zorgden voor de uitbraak op Vancouver Island weliswaar genetisch verschillend van de andere, maar gaat het hier volgens de onderzoekers om een en dezelfde gist. Blijkbaar heeft het gematigde zeeklimaat van Vancouver Island, het zuidwesten van Australië en het Middellandse Zeegebied vruchtbare bodems voor tropische gisten gemaakt.

Ferry Hagen en Teun Boekhout van het Centraalbureau voor Schimmelcultures leidden het onderzoek dat nieuw licht werpt op een exotische gist. Ondanks de bevindingen zijn nog lang niet al zijn geheimen prijsgegeven. Ferry Hagen: “Wat wij nu gaan onderzoeken is hoe C. gattii overal kan opduiken. Verkent deze tropische gist de wereld via zeewater, de lucht, of toch door menselijke invloeden? En hoe komt het dat vooral mensen met een normale afweer ziek worden?”

PLOS ONE publiceerde op 7 augustus 2013 de onderzoeksbevindingen in het artikel Ancient dispersal of the human fungal pathogen Cryptococcus gattii from the Amazon Rainforest.

Aan de studie werkten onder meer onderzoekers van het Centraalbureau voor Schimmelcultures, het Centrum voor Centrum Wiskunde & Informatica (CWI) en het Canisius-Wilhelmina Ziekenhuis mee.