Alarm voor epilepsiepatiënten blijft vergoed

0
709

Het alarm dat epilepsiepatiënten gebruiken om nachtelijke aanvallen te signaleren blijft vergoed. Dit meldt het VARA-televisieprogramma ‘De Ombudsman’. Al langere tijd worden ouders die een kind met epilepsie hebben, geconfronteerd met problemen omtrent de vergoeding van het alarm.

‘De Ombudsman’, vrijdag 25 maart, Nederland 2, 19.25 uur

Ziekenhuizen en verzekeraars hebben al een paar jaar onderling onenigheid over de betaling van deze apparatuur. Dit liep de laatste tijd zo hoog op, dat ouders werd gedreigd dat de vergoeding stopgezet zou worden. Dit bericht heeft tot grote onrust geleid bij de ouders. Na bemiddeling van ‘De Ombudsman’ belooft Zorgverzekeraars Nederland, de branche-organisatie van verzekeraars, dat de alarmapparatuur gewoon vergoed blijft.

In ‘De Ombudsman’ wordt de familie Cornelisse gevolgd. Zoon Daan (10) heeft epilepsie en krijgt vooral ’s nachts aanvallen. Een saturatiemonitor, die het zuurstofgehalte en de hartslag meet, alarmeert de ouders zodra er een aanval dreigt. Voor Daan en zijn ouders is deze monitor van levensbelang. Maar ze hebben bericht gekregen dat de monitor nog tot 1 juli wordt vergoed door de zorgverzekeraar. En nu ziekenhuizen en verzekeraars onenigheid hebben over de vraag wie de apparatuur gaat vergoeden, worden de ouders van Daan onrustig en willen ze duidelijkheid of ze de apparatuur kunnen blijven gebruiken.

Ziekenhuisverplaatste zorg
De saturatiemonitor wordt gezien als “ziekenhuisverplaatste zorg”. Als Daan deze saturatiemonitor niet zou hebben, moet hij ’s nachts naar het ziekenhuis. Sinds 2008 vallen deze hulpmiddelen onder medisch specialistische zorg. Maar wie deze zorg gaat betalen, de verzekeraar of het ziekenhuis, daarover worden de partijen het niet eens. Voor de VARA Ombudsman reden om verhaal te halen bij Zorgverzekeraars Nederland. Deze branche-organisatie heeft nu gezegd dat ouders geen last mogen hebben van het gesteggel achter de schermen en dat de apparatuur vergoed moet blijven. Zorgverzekeraars gaan hun best doen om de communicatie hierover richting patiënten op een andere en betere manier te voeren. Voor Daan en zijn ouders betekent dit dat er een einde komt aan een lange tijd van onzekerheid.