Hbo-verpleegkundigen in ziekenhuizen, de GGZ en de thuiszorg voelen zich meer competent dan mbo-verpleegkundigen. Zij vinden vaker dat zij de competenties beheersen die van belang zijn in de huidige gezondheidszorg.

Dit blijkt uit onderzoek naar accentverschuivingen in het werk van verpleegkundigen, verzorgenden, begeleiders en praktijkondersteuners. In de gezondheidszorg van nu staan vakbekwaamheid, communicatie, samenwerking, professionele ontwikkeling, maatschappelijk handelen, organiseren en kwaliteitsbevordering centraal. Zorgverleners herkennen de accentverschuivingen naar deze competentiegebieden, en vinden dit veelal ook aantrekkelijke aspecten van hun werk.

Accentverschuivingen
Met de accentverschuivingen in het werk wordt ook een ander beroep gedaan op hun kennis, vaardigheden en beroepshouding. Zo zijn ondersteuning van zelfmanagement en coördinatie van de zorg belangrijker geworden. En ook is de omgang met cliënten en hun naasten vaker gebaseerd op samenwerking en neemt de aandacht voor preventie van bijvoorbeeld complicaties toe. Hbo-verpleegkundigen geven vaker aan dat zij dit soort competenties beheersen dan mbo-verpleegkundigen.

Meer en minder populair
Samenwerken met cliënten of hun naasten spreekt veel zorgverleners aan. Ook vindt bijna drie kwart preventie een aantrekkelijk aspect van het werk. Over e-Health en werken volgens standaarden en richtlijnen zijn zorgverleners echter minder te spreken. Respectievelijk 11% en 32% procent vindt dit een aantrekkelijk onderdeel van het werk.

Behoefte aan extra scholing
Op sommige gebieden hebben zorgverleners behoefte aan meer scholing. Zo zou 40% graag leren hoe ze bij patiënten leefstijl en gezond gedrag kunnen beïnvloeden. Een even grote groep zou graag leren hoe je de zorg voor een patiënt goed organiseert.

Onderzoek
Het onderzoek is uitgevoerd onder deelnemers van het NIVEL-Panel Verpleging & Verzorging. De vragenlijst is ingevuld door 1101 verpleegkundigen, verzorgenden, begeleiders en praktijkondersteuners in ziekenhuizen, de GGZ, de zorg voor mensen met een beperking, de thuiszorg en verpleeg- en verzorgingshuizen (respons 59%).