Depressie – biologische oorzaken of omgevingsinvloeden?

1
291

Nog steeds is weinig bekend over de oorzaken van depressie. De een gooit het op de biologie, de ander op de omgeving. Maar waarschijnlijk spelen beide factoren een rol en versterken ze elkaar.

Onderzoekster dr. Marije aan het Rot van de Rijksuniversiteit Groningen kreeg van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) een Veni-beurs voor onderzoek naar de invloed van zowel biologische als omgevingsfactoren bij het ontstaan van depressie.

In het onderzoek naar de vraag waarom mensen in een depressie raken, wordt enerzijds gedacht aan biologische oorzaken. Serotonine is een stofje in de hersenen waarvan gedacht wordt dat depressieve mensen er te weinig van hebben. Anderzijds kunnen ook omgevingsinvloeden een verklaring vormen. Denk bijvoorbeeld aan eenzaamheid als gevolg van een gebrek aan goede relaties met anderen.

Dieet
Het is een gegeven dat depressie in sommige families vaker voorkomt. Aan het Rot verricht haar onderzoek door het dieet van familieleden van depressieve patiënten zodanig te beïnvloeden dat de serotonineniveaus in de hersenen tijdelijk veranderen. Vervolgens kijkt zij of de deelnemers anders gaan functioneren tijdens sociale interacties; in welke mate voelen ze zich op hun gemak tijdens gesprekken met andere mensen, maken ze sarcastische opmerkingen naar anderen toe, kunnen ze zich inleven in de gevoelens van anderen?

De onderzoekster verwacht dat de effecten van de dieetinterventies op het sociaal functioneren groter zullen zijn bij mensen bij wie depressie in de familie voorkomt. Goede sociale interacties zijn belangrijk bij de omgang met collega’s, vrienden, en familieleden. Er is nog relatief weinig onderzoek gedaan bij familieleden van mensen met depressie. Aan het Rot wil met haar onderzoek bijdragen aan nieuwe inzichten, met als doel in de toekomst depressie te helpen voorkomen.

Het onderzoek van dr. Aan het Rot wordt uitgevoerd in samenwerking met het Universitair Centrum Psychiatrie, onderdeel van het Universitair Medisch Centrum Groningen.

Voor meer informatie over het onderzoek, waaraan zowel mensen met depressie als hun kinderen, broers, zussen, en ouders deelnemen, kunt u terecht op www.bluesclues.nl.

1 REACTIE

  1. 80 tot 90% van de mensen met slaapapneu ontwikkeld een depressie. dit naast hormonale ontregelingen, ( o.a. verstoorde hypofysewerking) diabetes en insulineresistentie. de invloed van slaapapneu is in depressieonderzoeken heel erg onderbelicht. ook is apneu erfelijk en familiair. ik zou graag zien dat dit ook meegenomer wordt in het onderzoek. gewichtstoename is ook een gevolg van slaapapneu en niet zoals veel artsen nog denken de oorzaak. In dieetinterventies zou dit mee onderzocht kunnen worden. http://www.apneuvereniging.nl

LAAT EEN REACTIE ACHTER